Table of Contents

    Digitale technologieën zijn onmisbaar geworden om het concurrentievermogen van ondernemingen te verzekeren. Ongeacht het soort technologie dat wordt gebruikt (online verkoop, cloudcomputing, analyse van big data, aanwezigheid op sociale netwerken, elektronische facturering, toepassingen van artificiële intelligentie, enz.), digitalisering maakt het mogelijk de verwerking van informatie te automatiseren en te versnellen, de zichtbaarheid en de aantrekkelijkheid van een onderneming voor klanten en leveranciers te verbeteren, en klanten nieuwe producten en nieuwe ervaringen aan te bieden. Digitale hulpmiddelen zijn een manier geworden om zich van de concurrentie te onderscheiden.
     
    Deze pagina vergelijkt de prestaties van Belgische en Europese kmo's voor het gebruik van allerlei digitale technologieën. De gegevens zijn afkomstig van Eurostat-gegevens. De statistieken van Eurostat hebben het voordeel dat ze geharmoniseerd zijn in de verschillende landen. Het is dus mogelijk om ze te vergelijken. Het nadeel is echter dat de gegevens regelmatig verschillen van de gegevens die de nationale overheden zelf publiceren.

    Volledige gegevens over de digitaliseringsgraad van de Belgische micro-ondernemingen, kleine en middelgrote ondernemingen vindt op de pagina's:

    De gegevens in deze rubriek zijn afkomstig van de index van de digitale economie en samenleving (Digital Economy and Society Index - DESI), opgesteld op basis van Eurostat-gegevens. De statistieken van Eurostat hebben het voordeel dat ze geharmoniseerd zijn in de verschillende landen. Het is dus mogelijk om ze te vergelijken. Het nadeel is echter dat de gegevens regelmatig verschillen van de gegevens die de nationale overheden zelf publiceren.

    ICT-specialisten

    Uit in 2020 gepubliceerde gegevens blijkt dat 23,3 % van de kleine ondernemingen (10 tot 49 werknemers) en 58,3 % van de middelgrote (50 tot 249 werknemers) in België specialisten in ICT (informatie- en communicatietechnologie) in dienst heeft. Dat is meer dan in Nederland, Duitsland en Frankrijk en ook meer dan het Europese gemiddelde.

     

    Website

    In België beschikten meer kleine en middelgrote ondernemingen in 2020 over een website dan in Frankrijk: 72,5 % tegenover 55,6 % voor kleine ondernemingen en 82,2 % tegenover 70,6 % voor middelgrote ondernemingen. Ook op dat gebied ligt België ver boven het Europese gemiddelde. Anderzijds beschikken verhoudingsgewijs ongeveer evenveel Nederlandse en Duitse kmo's over een website met complexe functies.

    De kloof tussen de kleine (10 tot 49 werknemers) en de middelgrote Franse ondernemingen (50 tot 249 werknemers) is aanzienlijk (15 procentpunten). Dat verschil is in België teruggebracht tot 9,7 procentpunten. In Nederland en Duitsland is het verschil beperkt tot respectievelijk 6,9 en 6,2 procentpunten.

    Sociale media

    Uit in 2021 gepubliceerde gegevens blijkt dat 75 % van de kleine en 82 % van de middelgrote Belgische ondernemingen gebruik van de sociale media als communicatiemiddel. Ook op dat vlak lijken de Belgische ondernemingen vaker een beroep te doen op digitale technologieën dan hun Franse en Duitse buren, maar minder vaak dan hun Nederlandse buren. In Nederland communiceert immers niet minder dan 78 % van de kleine ondernemingen en 86 % van de middelgrote ondernemingen via sociale media.

    Verkoop

    Uit 2021 gegevens blijkt dat Belgische bedrijven, ongeacht hun omvang, actiever zijn in onlineverkoop dan de bedrijven in de buurlanden. Zo is het aandeel van kleine Belgische bedrijven die minstens 1 % van hun omzet via een computernetwerk realiseren (28 %), meer dan dubbel zo hoog als in Frankrijk (11 %). Dat cijfer is ook hoger dan het aandeel van kleine Nederlandse (22 %) en Duitse (18 %) ondernemingen die online verkopen.

    Het verschil ook duidelijk aanwezig voor middelgrote ondernemingen: het aandeel van de middelgrote ondernemingen die minstens 1 % van hun omzet via een computernetwerk realiseren, bedraagt in België 41 %, tegenover 16 % in Frankrijk, 25 % in Duitsland en 27 % in Nederland.

    Ook op dat gebied situeert België zich ver boven het Europese gemiddelde.

    Cloud computing-diensten

    De helft van de kleine en 67 % van de middelgrote ondernemingen maakt gebruik van clouddiensten die op het internet zijn aangekocht. Dat is meer dan in de buurlanden (Frankrijk, Nederland, Duitsland, Luxemburg) en ruim boven het Europese gemiddelde. Dat percentage is in de afgelopen 5 jaar sterk toegenomen, aangezien amper 25 % van de kleine en 41 % van de middelgrote Belgische ondernemingen dat soort technologie gebruikten volgens de enquête van 2016. Enkel de Nederlandse kmo’s scoren hoger dan de Belgische bedrijven bij het gebruik van clouddiensten (met uitzondering van de gegevens van 2020, toen Belgische kmo’s iets hoger scoorden).  

    Analyse van big data

    Voor de analyse van grote hoeveelheden gegevens scoren Belgische kmo's ver boven het Europese gemiddelde. Zo blijkt uit in 2020 verzamelde gegevens dat 19 % van de kleine en 36 % van de middelgrote Belgische ondernemingen intern aan analyse van big data doet, terwijl het Europese gemiddelde voor die grootteklassen respectievelijk 12 % en 21 % bedraagt. De score van de Nederlandse kmo’s ligt hoger. De analyse van grote hoeveelheden gegevens is daarentegen een heel stuk minder verspreid in de kleine en middelgrote ondernemingen in Frankrijk, Luxemburg en Duitsland. Vergelijking van gegevens met voorgaande jaren is niet mogelijk vanwege een wijziging in de definitie van de variabelen. 

    Industriële of dienstverlenende robots

    Belgische kmo's maken meer gebruik van industriële of dienstverlenende robots dan het Europese gemiddelde of hun Europese buurlanden. Hoewel slechts 7 % van de Belgische kleine bedrijven (10-49 werknemers) robots gebruikt om hun activiteiten te optimaliseren, ligt dat percentage nog steeds hoger dan het EU-27-gemiddelde (5 %), in Duitsland (3 %), Luxemburg (4 %), Nederland (5 %) en Frankrijk (6 %). Op Europees niveau scoren alleen Denemarken en Noorwegen hoger dan België. De situatie is vergelijkbaar voor bedrijven met 50 tot 249 werknemers: 18 % van hen gebruikt industriële of dienstrobots in België, wat hoger is dan het gemiddelde voor de EU-27 (13 %) en de buurlanden.

    Bedrijven die artificiële intelligentie gebruiken

    Het gebruik van artificiële-intelligentietechnologieën is wijdverspreider bij kleine ondernemingen in België (8 %) dan in de EU-27 (6 %). Kleine bedrijven in Duitsland (9 %), Nederland (10 %) en Luxemburg (12 %) maken echter nog meer gebruik van AI; binnen de buurlanden hebben alleen kleine bedrijven in Frankrijk een lagere mate van gebruik van kunstmatige intelligentie (5 %) dan in België. Middelgrote ondernemingen in België bevinden zich daarentegen in een iets betere positie dan die in de buurlanden: binnen deze grootteklasse maken alleen Nederlandse ondernemingen (21 %) vaker gebruik van AI dan Belgische (17 %).

    Digitaal-intensieve ondernemingen

    24 % van de kleine Belgische ondernemingen wordt beschouwd als een “digitaal of zeer digitaal-intensieve” onderneming. Dat is meer dan in de buurlanden, met name Frankrijk (10 %), Duitsland (21 %) en Luxemburg (17 %). Alleen Nederland zit duidelijk boven het Belgische gemiddelde met 31 % van de kleine ondernemingen met een hoge of zeer hoge digitale intensiteit. Ook is een groter deel van de middelgrote ondernemingen in België digitaal-intensief dan in de buurlanden (Nederland uitgezonderd).

    Op het niveau van de Europese Unie staan de Belgische kmo's bovenaan de ranglijst voor digitale intensiteit. Alleen de Scandinavische landen (Zweden, Finland, Denemarken), Malta en Nederland tellen een groter aandeel digitaal of zeer digitaal-intensieve kleine ondernemingen. Door een wijziging in de methodologie is vergelijken met de gegevens van voorgaande jaren niet mogelijk.

    De score van digitale intensiteit is gebaseerd op een telling van het aantal technologieën dat elke onderneming gebruikt. Hoge scores worden toegekend aan ondernemingen die minstens 7 van de 12 geïnventariseerde technologieën gebruiken. De lijst van technologieën bevat:

    • het gebruik van internet door een meerderheid van de werknemers  
    • beschikken over een ERP-systeem (enterprise resource planning) om informatie uit te wisselen tussen verschillende functionele gebieden 
    • een vaste breedbandverbinding met een snelheid van meer dan 30 Mbps;  
    • onlineverkoop maakt ten minste 1 % van de omzet uit en B2C onlineverkoop maakt ten minste 10 % van de onlineverkoop uit;  
    • gebruik van het Internet of Things 
    • gebruik van sociale media;  
    • beschikken over technologie voor het beheer van klantenrelaties (CRM) 
    • aankoop van geavanceerde of intermediaire cloudcomputing-diensten 
    • het gebruik van artificiële-intelligentietechnologie 
    • de aankoop van cloudcomputing-diensten via het internet; 
    • onlineverkoop voor ten minste 1% van de omzet   
    • het gebruik van ten minste 2 sociale media
    Laatst bijgewerkt
    20 juni 2022