Table of Contents

    De geringe aantrekkingskracht van wetenschappelijke en technologische vakken heeft een impact op de beheersing van informaticatools. Het tekort aan personeel dat voldoende is opgeleid in digitale technologieën en het gebrek aan IT-vaardigheden bij ondernemers behoren trouwens tot de voornaamste hinderpalen bij het digitaliseringsproces van kmo's. De ontwikkeling en de beheersing van ICT-vaardigheden blijken nochtans onontbeerlijk om zelfstandigen en kmo's in staat te stellen mee te draaien in een steeds digitalere wereld en actoren van de digitale transformatie te worden door zich als ondernemer op de juiste manier op te stellen.

    Deze pagina geeft een overzicht van de voornaamste indicatoren voor de analyse van digitale vaardigheden, uitgesplitst naar geslacht. Ze zijn afkomstig van "Women in Digital (WID)", dat deel uitmaakt van de digitale index voor economie en samenleving (DESI) en specifiek kijkt naar de participatie van vrouwen in de digitale economie en samenleving.

    Andere indicatoren voor de digitalisering van kmo’s vindt u op de pagina's:

    STEM-afgestudeerden

    België telde in 2018 per 10.000 mannen van 20-29 jaar 20,6 STEM-afgestudeerden (wetenschappen, technologie, wiskunde of techniek). Voor vrouwen ligt dat cijfer drie keer zo laag: slechts 7,2 op de 10.000 vrouwen tussen 20 en 29 jaar hebben een dergelijk diploma. Die discrepantie op het vlak van STEM-diploma's ligt aan de basis van de verschillen die bij de andere indicatoren zijn vastgesteld.

    De prestatie van België ligt onder het Europese gemiddelde: het EU-gemiddelde bedraagt 14,3 vrouwen en 26,3 mannen met een STEM-diploma per 10.000 inwoners tussen 20 en 29 jaar. Die mindere prestatie van België op het vlak van opleidingen die verband houden met informatica en wetenschap kan op termijn een negatieve weerslag hebben op het digitaliseringsniveau van kmo's.

    Digitale vaardigheden

    Dit onderdeel analyseert de digitale vaardigheden van Belgen tussen 16 en 64 jaar aan de hand van 4 domeinen, die via meerdere activiteiten worden geëvalueerd.

    1. Vaardigheden op het gebied van informatiebeheer: digitale informatie vinden, lokaliseren, opzoeken, opslaan, ordenen en analyseren en ondertussen de relevantie en het nut ervan beoordelen.

    2. Communicatievaardigheden: communiceren in digitale omgevingen, middelen delen met behulp van online tools, contact leggen met anderen en samenwerken met behulp van digitale tools, omgaan met en deelnemen aan gemeenschappen en netwerken.

    3. Probleemoplossend vermogen: digitale noden en middelen inventariseren, weloverwogen beslissingen nemen over de geschiktste digitale hulpmiddelen voor het betreffende doel of de behoefte, conceptuele problemen oplossen met digitale middelen, technologie creatief aanwenden, technische problemen oplossen, de eigen vaardigheden en die van anderen op peil houden.

    4. Softwarevaardigheden: nieuwe inhoud aanmaken en bewerken (tekstverwerking, beelden en video); oudere kennis en inhoud integreren en herwerken; creatieve expressie, mediaproducties, programma's maken; omgaan met intellectuele-eigendomsrechten en licenties en ze toepassen.

    Een basisniveau op een bepaald gebied stemt overeen met het realiseren van één activiteit op dat gebied, een "gevorderd" niveau stemt overeen met het realiseren van meerdere activiteiten.

    Mensen met algemene "basis" digitale vaardigheden hebben op alle 4 gebieden ten minste elementaire vaardigheid, maar geen nulvaardigheid.  Mensen met algemene "gevorderde" digitale vaardigheden hebben ten minste een gevorderd niveau op elk van de 4 gebieden.

    In België beschikken mannen veelal meer over digitale vaardigheden dan vrouwen, ongeacht of het daarbij om basis dan wel gevorderde vaardigheden gaat. Uit een uitsplitsing naar geslacht bleek het verschil in 2019 5 procentpunten te bedragen: zo beschikte 37 % van de mannen tussen 16 en 74 jaar over gevorderde algemene digitale vaardigheden, terwijl dat voor slechts 32 % van de vrouwen gold. Dat verschil geldt ook voor basis digitale vaardigheden. Die cijfers blijven stabiel sinds 2016. Qua digitale vaardigheden voor zowel mannen als vrouwen zit België boven het EU-gemiddelde.

    Voor digitale communicatievaardigheden (e-mails, sociale netwerken, internettelefonie …) en digitaal informatiebeheer (opslag en beheer van bestanden of mappen, opzoeken op het internet …), is er geen uitgesproken verschil tussen Belgische mannen en vrouwen. In 2019 kon bijna 80 % van de Belgische bevolking tussen 16 en 74 jaar terugvallen op gevorderde vaardigheden om digitaal te communiceren en bijna 75 % om informatie digitaal te beheren. De resultaten liggen over het algemeen hoger dan het Europese gemiddelde.

    De genderkloof is beter te zien wanneer het over probleemoplossing gaat (bestanden overzetten tussen meerdere apparaten, applicaties of software installeren en instellen, online aankopen, online bankieren, enz.) en over software (elementair of gevorderd gebruik van kantoorsoftware, spreadsheets, afbeeldingen, grafieken, programmeren, enz.), wat erop wijst dat vrouwen zich op die gebieden minder vlot uit de slag trekken. 59 % van de vrouwen tussen 16 en 74 jaar had in 2019 gevorderde digitale vaardigheden voor het oplossen van problemen, tegenover 65 % van de mannen. Voor vaardigheden i.v.m. software is dat 36 % van de vrouwen, tegenover 42 % van de mannen. Voor de meer geavanceerde vaardigheden slaagt België er niet in het Europese gemiddelde te overtreffen en voor software blijft het er zelfs iets onder.

    ICT-specialisten

    Wanneer het over gespecialiseerde ICT-functies gaat, is de ongelijkheid tussen mannen en vrouwen nogal uitgesproken. Zo was in 2019 6,6 % van de werkende mannen tussen 16 en 74 jaar in ons land actief als specialist in informatie- en communicatietechnologieën. Bij de vrouwen bedroeg dat aandeel slechts 1,6 %. De categorie "ICT-specialisten" omvat tal van functies, zoals verantwoordelijken, technici en installateurs van informatica-infrastructuur.

    Het interfederaal en intersectoraal plan Women in Digital

    Om de ongelijke aanwezigheid van mannen en vrouwen in de digitale wereld tegen te gaan, heeft de ministerraad het plan Women in Digital goedgekeurd, dat bedoeld is om de verschillende initiatieven ter bevordering van vrouwen in STEM/ICT in België beter te coördineren.

    De strategie is opgebouwd rond vijf strategische doelstellingen:

    • ernaar streven dat meer vrouwen afstuderen in de digitale sector
    • de integratie van vrouwen in de digitale werksfeer en/of in de digitale sector bevorderen
    • het handhaven van vrouwen in de digitale sector bevorderen
    • stereotypen bestrijden door een nieuw beeld te vormen van de sector
    • de genderkloof in specifieke doelgroepen dichten

    Het plan sluit aan bij Commitment on women in Digital, een verklaring die België in 2019 heeft ondertekend en die aangeeft dat ons land op Europees niveau pleit voor meer vrouwen in de digitale sector (STEM/ICT).

    Definities en bronnen

    De index van de digitale economie en de digitale samenleving (Digital Economy and Society Index - DESI) is een samengestelde index die de indicatoren bijeenbrengt die relevant zijn voor de digitale prestaties van Europa en die de evolutie van het digitale concurrentievermogen van de EU-lidstaten volgt. De index wordt opgesteld op basis van gegevens van Eurostat. Het luik "Women in Digital (WID)", dat deel uitmaakt van de DESI, kijkt specifiek naar de participatie van vrouwen in de digitale economie en samenleving.

    De digitale vaardigheden worden geanalyseerd aan de hand van 4 domeinen, die elk via een aantal activiteiten worden geëvalueerd.

    1. Vaardigheden op het vlak van informatiebeheer

    Definitie: digitale informatie vinden, lokaliseren, opzoeken, opslaan, ordenen en analyseren, de relevantie en het nut ervan beoordelen.

    Activiteiten die worden gebruikt om de informatievaardigheden te berekenen:

    • Bestanden of mappen kopiëren of verplaatsen
    • Bestanden opslaan in een opslagruimte op het internet
    • Informatie van websites van de overheid/openbare diensten halen
    • Zoeken naar informatie over goederen of diensten
    • Zoeken naar informatie over gezondheid

    Vaardigheidsniveaus op het vlak van informatiebeheer

    • Basis: één activiteit
    • Gevorderd: meer dan één activiteit

    2. Communicatievaardigheden

    Definitie: communiceren in een digitale omgeving, middelen delen met behulp van online tools, contact leggen met anderen en samenwerken met behulp van digitale tools, omgaan met en deelnemen aan gemeenschappen en netwerken.

    Activiteiten die worden gebruikt om de communicatievaardigheden te berekenen:

    • E-mails verzenden/ontvangen
    • Deelnemen aan sociale netwerken
    • Internet-telefonie/videofonie
    • Inhoud uploaden naar om het even welke website om hem te delen

    2. Vaardigheidsniveaus op het vlak van communicatie

    • Basis: één activiteit
    • Gevorderd: meer dan één activiteit

    3. Vaardigheden in verband met het oplossen van problemen

    Definitie: digitale noden en middelen inventariseren, weloverwogen beslissingen nemen over de meest geschikte digitale hulpmiddelen voor het doel of de behoefte, conceptuele problemen oplossen met digitale middelen, technologie creatief aanwenden, technische problemen oplossen, de eigen vaardigheden en die van anderen op peil houden.

    Activiteiten die worden gebruikt om de probleemoplossende vaardigheden te berekenen:

    Lijst A - Probleemoplossing:

    • Bestanden overbrengen tussen computers of andere toestellen
    • Software en toepassingen (apps) installeren
    • De instellingen van software wijzigen, waaronder die van het besturingssysteem of beveiligingsprogramma's

    Lijst B - Vertrouwdheid met online diensten:

    • Online aankopen (de jongste 12 maanden)
    • Online verkopen
    • E-learningmiddelen gebruiken
    • Online bankdiensten

    Vaardigheidsniveaus qua probleemoplossing

    • Basis: één of meer activiteiten uit lijst A alleen of uit lijst B alleen
    • Gevorderd: ten minste één activiteit van A en B

    4. Softwarevaardigheden (om met inhoud te werken)

    Definitie: nieuwe inhoud aanmaken en bewerken (tekstverwerking, beelden en video); oudere kennis en inhoud integreren en herwerken; creatieve expressie, mediaproducties, programma's maken; omgaan met intellectuele-eigendomsrechten en licenties en ze toepassen.

    Activiteiten die worden gebruikt om de softwarevaardigheden (om met inhoud te werken) te berekenen:

    Lijst A:

    • Een tekstverwerkingsprogramma gebruiken
    • Een spreadsheetprogramma gebruiken
    • Een programma om foto's, video- of audiobestanden te bewerken gebruiken

    Lijst B:

    • Een presentatie of document met tekst, afbeeldingen, tabellen of grafieken maken
    • Geavanceerde functies van een spreadsheetprogramma gebruiken om gegevens te ordenen en te analyseren (sorteren, filteren, formules gebruiken, grafieken maken)
    • Een code geschreven hebben in een programmeertaal

    Niveaus voor softwarevaardigheden

    • Basis: één of meer activiteiten van lijst A en geen van lijst B
    • Gevorderd: ten minste één activiteit van lijst B

    Globale indicator van digitale vaardigheden

    • Mensen met een "gevorderd" vaardigheidsniveau = "gevorderd" op de 4 gebieden
    • Mensen met een "basis" vaardigheidsniveau = op de 4 gebieden ten minste een elementaire vaardigheid, maar geen nulvaardigheid
    Laatst bijgewerkt
    28 juni 2021

    Laatste nieuws voor dit thema

    1. Consumentenbescherming
      Verkoop
      Mededinging
      Ondernemingen
      Online
      Financiële diensten
    2. Consumentenbescherming
      Ondernemingen