Table of Contents

    Een werk wordt beschermd door het auteursrecht, op voorwaarde dat:

    • het werk het resultaat is van een creatieve activiteit;
    • het werk uitgedrukt is in een concrete vorm;
    • het werk origineel is.

    Om te worden beschermd door het auteursrecht, is het niet noodzakelijk dat:

    • het werk een bepaalde omvang, tijdsduur, lengte, enz. heeft;
    • het werk bestemd is voor een bepaald type van gebruik, of een bepaalde functie heeft;
    • het werk een bijzondere esthetische waarde bezit;
    • het werk via een bepaald medium verspreid wordt;
    • de maker van het werk dit maakt in het kader van een beroepsactiviteit;
    • het werk in overeenstemming is met de goede zeden;
    • de auteur bepaalde formaliteiten vervult.

    Het werk moet het resultaat zijn van een creatieve activiteit

    Het auteursrecht beschermt “literaire of artistieke” werken.

    Dit concept moet veel ruimer worden beschouwd dan enkel de “Schone Kunsten”. Het auteursrecht kan immers elke schepping van de menselijke geest beschermen, uitgedrukt in een literaire of artistieke taal; dat omvat grafische, picturale, cinematografische, fotografische, muzikale, sculpturale of andere expressievormen.

    Voorbeelden van creaties die door het auteursrecht worden beschermd:

    • in het literaire domein: romans, gedichten, toneelstukken, wetenschappelijke teksten, utilitaire teksten (zoals gebruiksaanwijzingen), lezingen of elk ander geschrift;
    • in het grafische, picturale of visuele domein: schilderijen, tekeningen, lithografieën, gravures, foto’s, stripverhalen, logo’s, aardrijkskundige kaarten of elke andere creatie in een visuele vorm;
    • in het muziek- of klankdomein: muzikale composities van om het even welke aard, liedjes, opera’s, jingles, gsm–tonen, enz.;
    • in het audiovisuele domein: speelfilms, documentaires of andere, tekenfilms, animatiefragmenten, videospellen, PowerPointpresentaties, enz.;
    • in andere creatieve domeinen: beeldhouwwerken, architecturale werken, toegepaste kunst (zoals design), choreografieën, computerprogramma’s, enz.

    Voorbeelden van creaties die niet door het auteursrecht worden beschermd :

    • wat voorheen al in de natuur aanwezig was (bv. een kleur of een schelp gevonden op een strand);
    • wat uitsluitend door een machine wordt voortgebracht (bv. satellietbeelden);
    • wat niet door een mens is gecreëerd (bv. een tekening gemaakt door een dier);
    • technische uitvindingen (die kunnen beschermd worden door een octrooi);
    • prestaties die louter sportief van aard zijn;
    • officiële akten van de overheid (wetten, decreten, ordonnanties, verordeningen, debatten van parlementaire vergaderingen, rechterlijke beslissingen, adviezen van het Openbaar Ministerie, enz.).

    Het werk moet worden uitgedrukt in een concrete vorm

    De creatie moet een concrete vorm hebben, die zintuiglijk waarneembaar is.

    Het is dus niet het idee of het concept aan de basis van het werk, maar wel de expressie of vormelijke uitdrukking ervan die wordt beschermd.

    Het auteursrecht beschermt geen ideeën. Het werk is “een idee dat vorm heeft gekregen” en alleen dat resultaat valt onder het auteursrecht. Het idee zelf niet. Het is dus altijd toegelaten om het idee aan de basis van een werk over te nemen, het opnieuw, maar anders te exploiteren, door er op een andere manier concreet gestalte aan te geven.

    Dat het werk een concrete vorm moet bezitten om beschermbaar te zijn, betekent niet dat het werk op een materiële drager moet staan.

    Er is sprake van voldoende vormelijke uitdrukking, wanneer, bijvoorbeeld, een spreker een lezing geeft in het openbaar, of wanneer een geïmproviseerd lied publiekelijk wordt vertolkt. Evenzo kan een choreografie voldoende vormelijk uitgedrukt zijn, zelfs indien deze louter in het hoofd van de choreograaf was voorbereid voor ze werd uitgevoerd.

    In laatstgenoemde gevallen is de creatie te horen of te zien voor derden en heeft ze bijgevolg een “concrete uitdrukkingsvorm” gekregen.

    Methodes zijn evenmin als ideeën beschermbaar door het auteursrecht. Denk aan keukenrecepten, werkmethodes, pedagogische methodes, wiskundige methodes en wetenschappelijke thema's of stellingen.

    Ook de stijl van een auteur of van een werk wordt niet beschermd. Zo vormt kubisme als schilderstijl, of rap als muziekstijl, een methode voor het maken van schilderijen of muziek. Stijlen zijn dus op zich niet beschermbaar door het auteursrecht en één persoon kan deze zich niet toe-eigenen. 

    De creatie moet origineel zijn

    Om auteursrechtelijk beschermd te zijn, moet een werk origineel zijn. Let op, de originaliteit waarvan een werk moet getuigen, heeft hier niet dezelfde betekenis als wat men in het algemeen onder “originaliteit” verstaat.

    Om de bescherming van het auteursrecht te genieten, is het niet noodzakelijk dat het werk van een nog nooit vertoonde aard is, of het resultaat is van een bijzondere verbeeldingskracht; het hoeft zelfs niet nieuw te zijn.

    In de zin van het auteursrecht is een werk origineel, wanneer het “de persoonlijkheid van de maker weerspiegelt”.

    Een werk weerspiegelt de persoonlijkheid van zijn maker als het wordt bepaald door de artistieke keuzes die hij heeft kunnen maken uit verschillende mogelijkheden die zich aan hem voordeden en verder gaat dan enkel de invulling van technische voorschriften.

    Een porseleinen of gouden tand kan bijvoorbeeld uniek zijn en het resultaat van geduldig werk van een tandtechnicus, maar uiteindelijk wordt de vorm van de kunsttand gedicteerd door functionele vereisten (grootte, vorm, kleur, stevigheid, enz.). De tandtechnicus geniet immers onvoldoende artistieke vrijheid om zijn “persoonlijke stempel” uit te drukken in de vorm van deze tand. De vorm van de tand is bijgevolg een element dat niet door zijn maker is gekozen, aangezien hij het onmogelijk “anders kon doen”, vanwege de functionaliteit van het werkstuk.

    Hetzelfde geldt voor het design van een mobiele telefoon, dat beschermd kan worden door het auteursrecht. Toch zijn niet alle elementen van de telefoon beschermd. Dat het luistergedeelte bovenaan zit en de microfoon onderaan, is bijvoorbeeld een onvermijdelijk gevolg van de kenmerken van het menselijk gelaat. Wie een telefoonmodel ontwerpt, heeft voor dat aspect dus geen andere keuze. Bijgevolg kan een ander gsm-model dat dezelfde plaatsing voor luistergedeelte en microfoon overneemt, geen namaak zijn.

    Een foto van een persoon daarentegen zal, ondanks de beperkingen opgelegd door hoe die persoon eruit ziet, door verschillende fotografen op een verschillende manier worden genomen, omdat ze bepaalde keuzes kunnen maken wat betreft omkadering of lichtinval. Ook een schilder die zonnebloemen wil schilderen kan een origineel werk in de zin van het auteursrecht maken, ook al zijn zonnebloemen vroeger al door Van Gogh geschilderd.

    Aan de vereiste van originaliteit wordt tamelijk gemakkelijk voldaan aangezien hoven en rechtbanken geen hoge eisen stellen op dit vlak. Zo kan een utilitair werk (zoals een gebruiksaanwijzing voor een toestel) als origineel beschouwd worden, indien men ervan uitgaat dat de vorm anders was geweest, wanneer het werk was gerealiseerd door iemand anders dan de auteur ervan.

    Het auteursrecht is niet afhankelijk van formaliteiten

    Zodra aan de voorwaarden van originaliteit en concrete vorm is voldaan, geniet een werk de bescherming door het auteursrecht, zonder dat enige formaliteit moet worden vervuld. Bescherming door het auteursrecht ontstaat automatisch door de creatie zelf van een origineel werk.

    In tegenstelling tot de industriële eigendomsrechten (bv. een octrooi of het merkenrecht), zijn dus geen administratieve formaliteiten vereist om auteursrecht te verwerven.

    Het kan wel nuttig zijn om bepaalde formaliteiten te vervullen die de auteur in staat stellen om het bewijs te leveren van de datum waarop hij het werk heeft gecreëerd en van het feit dat hij er de maker van is. Deze bewijsmiddelen kunnen onder meer bestaan in een registratie of een depot van het werk.

    Laatst bijgewerkt
    17 september 2020