Table of Contents

    Tijdens de COVID-19 crisis werd het tax shelter-stelsel tijdelijk uitgebreid om de door pandemie getroffen ondernemingen te helpen nieuw kapitaal aan te trekken. Het doel van deze tijdelijke maatregel was om particuliere investeringen aan te moedigen in ondernemingen die hard getroffen zijn door de gezondheidscrisis.  Door de tijdelijke aard van deze fiscale steunmaatregel bestond de tax shelter COVID-19 alleen in 2020 en 2021.

    Kerncijfers van de tax shelter COVID-19

    In totaal maakten 44 ondernemingen over de periode 2020-2021 gebruik van de tax shelter COVID-19. Dat vertegenwoordigt 1,8 % van alle ondernemingen die gebruikmaakten van de drie tax sheltersystemen (type start-up, scale-up of COVID-19). Er werd in totaal 4,6 miljoen euro geïnvesteerd via de tax shelter COVID-19, gespreid over 203 investeringen. Dit bedrag is het laagste van de drie soorten tax shelters die zijn onderzocht, namelijk 2,2 % van het totale geïnvesteerde bedrag.

    Het gemiddelde geïnvesteerde bedrag per investering via de tax shelter COVID-19 (22.657 euro), ligt veel hoger dan bij de andere soorten tax shelters. Ook het mediane geïnvesteerde bedrag (10.000 euro) ligt hier veel hoger dan bij tax shelter start-up (551 euro) of tax shelter scale-up (40 euro). Dat verschil kan worden verklaard doordat ondernemers niet zijn uitgesloten van deze tax shelter en dus kunnen investeren in hun eigen onderneming.

     Sectorale verdeling van de tax shelter COVID-19

    Het grootste deel van het geïnvesteerde bedrag ging naar de sector van vrije beroepen en wetenschappelijke en technische activiteiten (32,2 %). In diezelfde sector vinden we ook het grootste deel ondernemingen die dit fiscale hulpmiddel ontvingen (27,3 %). De industriesector ontving het grootste aantal investeringen via de tax shelter COVID-19 (28,1 %), maar met een veel lager gemiddeld bedrag per investering (1.651 euro) dan bijvoorbeeld in de sector van vrije beroepen en wetenschappelijke en technische activiteiten (46.289 euro). De sector administratieve en ondersteunende diensten behoort tot de top 3 wat betreft de geïnvesteerde bedragen, het aantal begunstigde bedrijven en het aantal gedane investeringen.

    Geografische spreiding van de tax shelter COVID-19

    Waalse ondernemingen vertegenwoordigen 29,5 % van de begunstigden, 30,5 % van het geïnvesteerde bedrag, maar ook de helft van de investeringen (50,7 %)

    Ondanks dat Vlaamse ondernemingen slechts 36,0 % van de investeringen aantrekken, zijn ze goed voor bijna 60 % van de begunstigde ondernemingen en 56,9 % van het totale geïnvesteerde bedrag.

    Brusselse ondernemingen profiteerden naar verhouding minder van de tax shelter COVID-19 dan van de andere stelsels: ze zijn goed voor slechts 11,4 % van de begunstigden, 13,3 % van de investeringen en 12,6 % van het geïnvesteerde bedrag.

    Het mediane geïnvesteerde bedrag per investering is hoger in Vlaanderen (19.150 euro) ten opzichte het mediane bedrag in Wallonië (3.800 euro) en in Brussel (2.830 euro). Over alle gewesten heen, lag de mediane investering op 10.000 euro.

    Genderanalyse van de tax shelter COVID-19

    65,9 % van de begunstigde ondernemingen van de tax shelter COVID-19 had een uitsluitend mannelijk bestuur. De andere begunstigende ondernemingen werden geleid door een uitsluitend vrouwelijk bestuur (11,4 %) of een gemengd bestuur (22,7 %).

    De genderkloof is ook zichtbaar bij de investeerders: 75,8 % van hen waren mannen, tegenover 24,2 % vrouwen die investeerden via de tax shelter COVID-19 .

    Verdeling van de begunstigde ondernemingen van de tax shelter COVID-19 naar grootte, omzet en rechtsvorm

    Micro-ondernemingen (0 tot 9 werknemers) vormden 90 % van de begunstigden van de tax shelter COVID-19: 47,7 % van hen had geen werknemers in dienst en 43,2% had tussen 1 en 9 werknemers. De meeste begunstigde ondernemingen van de tax shelter COVID-19 zijn dus kleiner dan in het scale-up-stelsel, maar groter dan in het start-up-stelsel. Die micro-ondernemingen trokken iets meer dan 85 % van het geïnvesteerde bedrag aan.

    Drie op de vijf begunstigde ondernemingen waren besloten vennootschappen (bv), iets minder dan in de tax shelter start-up. De overige 40 % ondernemingen zijn gelijkaardig verdeeld onder de coöperatieve, commanditaire en naamloze vennootschapsvormen.

    Meer dan de helft (52,3 %) van de ondernemingen die de tax shelter COVID-19 gebruikten, had een omzet groter dan 150.000 euro. De resterende ondernemingen hadden een lagere omzet, met een vijfde (20,5 %) van de ondernemingen die een omzet tussen 10.000 en 50.000 had. Ter herinnering: een omzetverlies van 30 % ten opzichte van dezelfde periode van het voorgaande jaar was één van de voorwaarden om van deze belastingmaatregel gebruik te kunnen maken.

     

    Laatst bijgewerkt
    3 mei 2024