Een verkoop onder de benaming "uitverkoop" of onder een gelijkwaardige benaming is toegelaten wanneer een bepaalde situatie de versnelde verkoop van een productenvoorraad of -assortiment vereist.

De onderneming moet de bepalingen van boek VI “Marktpraktijken en consumentenbescherming” van het Wetboek van economisch recht (boek VI WER) naleven. Zij moet die intentie niet bij de FOD Economie melden.

In welke omstandigheden kan een uitverkoop plaatsvinden?

De artikelen. VI.22 en volgende WER, leggen de verplichtingen vast voor de ondernemingen en sommen op limitatieve wijze de omstandigheden op waarbij een uitverkoop kan plaatsvinden:

  • gerechtelijke beslissing;
  • overlijden van de verkoper;
  • overname van een zaak;
  • stopzetting van de activiteiten;
  • sluiting of verhuizing van een verkooppunt;
  • restauratiewerkzaamheden van meer dan 20 werkdagen;
  • ernstige schade aan de voorraad veroorzaakt door een ramp;
  • belangrijke belemmering van de activiteit (bijvoorbeeld werken in de straat);
  • pensioengerechtigheid van de verkoper.

Welke verplichtingen en beperkingen zijn aan een uitverkoop verbonden?

Met toepassing van artikel VI.23, § 3 WER mogen enkel de goederen die deel uitmaken van de voorraad van de onderneming voor het begin van de uitverkoop, in de uitverkoop te koop aangeboden of verkocht worden.

Iedere aankondiging of andere bekendmaking over een uitverkoop moet de datum vermelden waarop de verkoop aanvangt.

Een uitverkoop is beperkt tot maximaal 5 maanden. In het geval van uitverkoop omwille van pensioen is de verkoop beperkt tot één jaar.

Tijdens de uitverkoop is de onderneming verplicht haar verkoopprijzen te verlagen en mag ze verkopen met verlies.

Het artikel VI.29, § 5 WER voorziet bovendien dat de sperperiode voor de solden niet van toepassing is op uitverkopen.

Onderbrekingen van de uitverkoop tijdens de termijn van 5 maanden of één jaar hebben geen schorsende werking (artikel VI.23, §1 WER).

Voor de ondernemingen die omwille van de coronamaatregelen moesten sluiten, wordt uitzonderlijk de duurtijd van de uitverkoop geschorst voor de duur van hun sluiting.

Concreet: voor de meeste onderneming gold een verplichte sluiting vanaf 18 maart 2020, 12u en konden zij opnieuw openen op 11 mei 2020. Ondernemingen die reeds een uitverkoop waren gestart vóór 18 maart, 12u, en die moesten sluiten, kunnen de uitverkoop hernemen op de datum van hun heropening voor de resterende periode vanaf 18 maart.

Voorbeeld: een winkel was gestart met een uitverkoop wegens verbouwingen op 18 februari 2020 en moest verplicht sluiten vanaf 18 maart 2020. Vanaf 11 mei kan die winkel de uitverkoop hernemen voor de resterende 4 maanden.

Zie wet van 27 mei 2020 tot wijziging van sommige bepalingen van het Wetboek van economisch recht wat de inschrijving in de KBO en het uitstel van de solden betreft.

Laatst bijgewerkt
5 juni 2020