Intellectuele eigendomsrechten worden soms beschouwd als monopolies op informatie of creaties, wat dan de vrije toegang van het publiek tot uitvindingen of cultuur zou belemmeren. Als antwoord op deze bezorgdheid heeft de beweging voor vrije toegang of open access alternatieve modellen voorgesteld voor het uitoefenen van intellectuele eigendomsrechten.

Open access stelt een aantal contractuele instrumenten voor aan ontwerpers, die hun intellectuele eigendomsrechten willen uitoefenen in een filosofie van vrij gebruik door het publiek en het delen van creaties, waarbij ze wel nog een zekere bescherming van hun creaties behouden.

Open access betekent niet dat de houder van het desbetreffende intellectuele recht aan dat recht heeft verzaakt, of dat hij de uitvinding in het publiek domein heeft gebracht. De betrokkene blijft zijn intellectuele rechten uitoefenen, maar op een wijze die meer mogelijkheden tot vrij gebruik creëert.

In de meeste gevallen verlenen dergelijke vrije of open access licenties ruime gebruiksrechten, met inbegrip van het recht op reproductie, distributie, aanpassing van het werk of de uitvindingen, evenals het recht om afgeleide werken of uitvindingen te ontwikkelen. Soms zijn deze toestemmingen beperkt tot niet-commercieel gebruik of exploitatie.

Enkel de houder van het intellectuele eigendomsrecht kan kiezen voor de exploitatie van een werk, uitvinding of databank volgens een open access model. Zo kan enkel de auteur van software beslissen om die te verspreiden met een open access  licentie.

Het eerste voorbeeld van de toepassing van een open access model werd in de jaren tachtig ontwikkeld in de VS in de vorm van de open source software. Hiermee wilde men protesteren tegen de praktijk van verregaande gebruiksbeperkingen die gekoppeld werden aan de verspreiding van computerprogramma’s.

In de jaren 2000 werden, op basis van de ervaring met de open source software, andere licentiemodellen ontwikkeld die kunnen worden toegepast op alle vormen van literaire en artistieke creaties, zoals muziek, tekst, film, beeldmateriaal, pedagogische inhoud, informatieve werken, enz. Dit zijn de zogenaamde Creative Commons licenties.

Het open access model kent ook succes in de sector van de wetenschappelijke publicaties, die in toenemende mate in open access beschikbaar worden gesteld op het internet, in tijdschriften of open access databanken. Merk op dat in het Wetboek van economisch recht bepaald wordt dat de auteur van een wetenschappelijk artikel dat voortvloeit uit een onderzoek dat minstens voor de helft met overheidsgeld is gefinancierd, na een bepaalde termijn het recht heeft om het manuscript gratis ter beschikking te stellen van het publiek in open access, zelfs al heeft hij zijn rechten overgedragen aan een uitgever. Die termijn bedraagt, vanaf de eerste publicatie, twaalf maanden voor de menswetenschappen en de sociale wetenschappen, en zes maanden voor de andere wetenschappen, op voorwaarde dat de bron van de eerste publicatie wordt vermeld.

Meer recent vormden de open access principes de inspiratiebron voor de ontwikkeling van juridische modellen voor wetenschappelijk onderzoek, die bijvoorbeeld kunnen worden toegepast op geoctrooieerde uitvindingen of op databanken met genetisch of biotechnologisch materiaal.

Laatst bijgewerkt
7 oktober 2020