Table of Contents

    Minder stukken van 1 en 2 cent in onze zak en portemonnee!

    Sinds 1 oktober 2014 mogen ondernemingen het totaalbedrag dat hun particuliere klanten moeten betalen, afronden naar het dichtste veelvoud van 5 eurocent.

    Tot nu toe waren ze niet verplicht om die afronding toe te passen, maar op 1 december 2019 verandert dat.

    Vanaf dan is de afronding verplicht voor alle contante betalingen of voor het deel van de aankopen dat contant wordt betaald in geval van gemengde betaling (bijvoorbeeld contant + kaart).

    Ondernemingen hebben de mogelijkheid om de afronding uit te breiden naar andere betalingswijzen. In dat geval moeten ze hun particuliere klanten informeren door een specifieke tekst (PDF, 481.94 KB) daarover zichtbaar op te hangen. Zij moeten in dat geval de afronding toepassen voor alle klanten en voor alle voorgestelde betaalmiddelen.

    De verplichte afronding van contante betalingen is bedoeld om het gebruik van de muntstukjes van 1 en 2 cent geleidelijk te verminderen. Die muntjes zijn immers zeer duur om te produceren en maken broekzakken en portemonnees alleen maar zwaarder.

    Wie moet afronden?

    De nieuwe verplichting tot afronding is van toepassing op alle ondernemingen, zoals bedoeld in boek VI van het Wetboek van economisch recht. Dat is elke natuurlijke- of rechtspersoon die op duurzame wijze een economisch doel nastreeft.

    Niet enkel ondernemingen in de gebruikelijke zin van het woord zijn dus voortaan verplicht om cashbetalingen af te ronden, maar ook vrije beroepen en alle personen, verenigingen, administraties, … die op regelmatige basis economische interacties hebben met consumenten.

    Een gemeente die bijvoorbeeld een zwembad, bibliotheek of cultureel centrum uitbaat, wordt voor die activiteiten beschouwd als “onderneming”. Dit is echter niet het geval wanneer die gemeente de kosten voor het afleveren van een identiteitskaart aanrekent. Dat soort activiteit maakt deel uit van de opdracht van openbare dienstverlening en is niet van “economische” aard.

    Ook verenigingen die regelmatig economische activiteiten beoefenen (bijvoorbeeld de verkoop van producten aan consumenten) worden beschouwd als onderneming. Het feit of die vereniging al dan niet een winstoogmerk heeft, verandert hier niets aan.

    De verplichte afronding is niet van toepassing op verkoop tussen particulieren onderling of in het kader van b2b verkoop.

    Het principe van het afronden vanaf 1 december 2019

    De ondernemingen moeten het totaalbedrag, betaald in cash door de consument, afronden op de volgende voorwaarden:

    • de betaling gebeurt in gezamenlijke fysieke aanwezigheid van de consument en de onderneming en
    • het te betalen bedrag is groter dan 5 eurocent.

    De ondernemingen kunnen ook beslissen om de afronding toe te passen op andere betalingswijzen, maar moeten dan dezelfde voorwaarden respecteren.
    Een onderneming die de afronding toepast, moet volgende regels volgen:

    • als de onderneming enkel de betaling in cash afrondt, wordt die afronding effectief enkel op het gedeelte betaald in cash toegepast (ook als de betaling gedeeltelijk in cash en gedeeltelijk met een andere betalingswijze gebeurt);
    • als de onderneming beslist om te afronding ook toe te passen op andere betalingswijzen dan de betaling in cash, wordt de afronding gemaakt op het totaalbedrag (zelfs als de betaling deels in cash en deels met een ander betalingsmiddel gebeurt). In dat geval afficheert de onderneming duidelijk zichtbaar de volgende wettekst: “Het totaalbedrag wordt altijd afgerond (PDF, 481.94 KB)”;
    • het kassaticket of bewijsdocument geeft duidelijk zowel het totale te betalen bedrag als het afgeronde bedrag, ongeacht het werkelijk in cash betaalde of het werkelijke totaal betaalde bedrag.

    Boek VI WER - art. VI.7/1 e.v. WER

    De afronding berekenen

    Het door de consument te betalen totaalbedrag wordt afgerond naar het dichtste veelvoud van 5 eurocent, ofwel het lagere ofwel het hogere.

    • Het te betalen totaalbedrag dat eindigt op 1 of 2 eurocent, wordt afgerond naar het lagere x,x0.
    • Het te betalen totaalbedrag dat eindigt op 3, 4, 6 of 7 eurocent, wordt afgerond naar x,x5.
    • Het te betalen totaalbedrag dat eindigt op 8 of 9 eurocent, wordt afgerond naar het hogere x,(x+1)0.

    Contant betaald bedrag eindigend op:

    Afronding

    Voorbeelden in euro

    x,x1

    x,x0

    12,91 wordt 12,90

    x,x2

    x,x0

    12,92 wordt 12,90

    x,x3

    x,x5

    12,93 wordt 12,95

    x,x4

    x,x5

    12,94 wordt 12,95

    x,x5

    x,x5

    12,95 blijft  12,95

    x,x6

    x,x5

    12,96 wordt 12,95

    x,x7

    x,x5

    12,97 wordt 12,95

    x,x8

    x,(x+1)0

    12,98 wordt 13,00

    x,x9

    x,(x+1)0

    12,99 wordt 13,00

    Een verkoper herkennen die afrondt voor alle soorten betalingen!

    Alle ondernemingen die ervoor kiezen om niet-contante betaalmiddelen af te ronden, moeten hun klanten hiervan op de hoogte brengen door de volgende tekst duidelijk zichtbaar aan te brengen:

    Het totaalbedrag is altijd afgerond. (PDF, 481.94 KB)

    Die tekst betekent dat de onderneming ervoor gekozen heeft om, naast de verplichte afronding voor betalingen in cash, de afronding toe te passen voor AL haar klanten en voor alle betaalmiddelen.

    Wat met de muntstukken van 1 en 2 eurocent?

    De stukken van 1 en 2 eurocent blijven bestaan als wettelijk betaalmiddel. Ze worden niet buiten omloop gesteld en verliezen hun waarde niet.

    Ze kunnen nog altijd gebruikt worden. U hoeft ze dus niet terug te brengen naar de bank.

    De onderneming mag de muntjes van 1 en 2 eurocent niet weigeren als betaalmiddel voor zover ze in een redelijke hoeveelheid gebruikt worden (maximaal 50 muntstukken per betaling).

    Net zo goed mag een consument de muntjes van 1 en 2 eurocent niet weigeren als wisselgeld.

    Bent u een onderneming? Dit zijn de stappen die u moet volgen om de regels na te leven vanaf 1 december 2019!

    Vanaf 1 december 2019 bent u verplicht om voor alle verkopen in fysieke aanwezigheid van de klant in uw zaak (bv. geen onlineverkoop) het totaalbedrag (niet per product) dat uw klant contant betaalt, af te ronden. Voor andere betaalmiddelen bent u vrij om de afronding al dan niet toe te passen.

    Als u de afronding alleen voor contante betalingen toepast:

    1. Vraag uw klant voor elke betaling welk bedrag hij wil betalen met betaalmiddelen waarvan het bedrag vastligt (bv. maaltijdcheques, ecocheques, geschenkbonnen, enz.)
    2. Eens dat bedrag vastligt, pas dan de afronding toe op het overblijvende bedrag dat in cash betaald wordt;
    3. Vermeld op het kasticket of op het bewijsstuk van uw klant het totale niet-afgeronde bedrag en het afgeronde bedrag;
    4. Het eventueel terug te betalen bedrag is altijd afgerond.

      Als u beslist om de afronding ook toe te passen voor niet-contante betalingen:
       
    5. Hang de tekst “Het totaalbedrag wordt altijd afgerond (PDF, 481.94 KB)” op in uw zaak op een voor de klant goed zichtbare plaats en in de nabijheid van uw kassa's.
    6. Vermeld op het kasticket of op het bewijsstuk van de klant het niet-afgeronde en het afgeronde totaalbedrag van zijn aankopen. Uw kassasysteem moet hiervoor misschien aangepast worden.

    Meer informatie vindt u terug op de pagina met veelgestelde vragen over de nieuwe regels voor verplichte afronding door de ondernemingen

    U bent een consument?

    Voor meer informatie, raadpleeg de pagina met veelgestelde vragen over de nieuwe, verplichte afrondingsregels voor consumenten.

    Laatst bijgewerkt
    26 augustus 2019

    Laatste nieuws voor dit thema

    1. Verkoop

      Made in Belgium? Niet zo zeker…

    2. Verkoop

      Prijzen van vliegtuigtickets nemen hoge vlucht

    3. Verkoop

      Wees klaar voor het afronden van betalingen!