Table of Contents
Bedrijven zetten steeds vaker geavanceerde technologieën in zoals artificiële intelligentie (AI), 3D-printing of data-analyse om hun activiteiten en processen te ondersteunen.
Artificiële intelligentie
In België springt geen enkele IA-technologie er in 2024 echt uit in het gebruik door ondernemingen. Wel worden sommige toepassingen meer gebruikt dan anderen, zoals:
- analyse van geschreven of gesproken taal
- productie van geschreven of gesproken taal
- machine learning
- automatisering van werkstromen
- hulp bij besluitvormingsprocessen.
De populariteit van die toepassingen varieert afhankelijk van de grootte van het bedrijf.
In 2024 maakte 24,71 % van de Belgische bedrijven gebruik van minstens één AI-technologie. Dat is een sterke stijging van meer dan 10 procentpunten ten opzichte van 2023, toen het cijfer op 13,8 % lag. Er is een duidelijke correlatie tussen het gebruik van artificiële intelligentie en de grootte van de onderneming: 66,27 % van de grote ondernemingen gebruikt AI, tegenover slechts 20,70 % van de kleine bedrijven. De algemene score van België ligt ver boven het EU-gemiddelde en de score van onze buurlanden. Ons land behoort hierdoor bij de Europese koplopers op het vlak van AI-toepassingen.
Wat de doeleinden van AI-technologieën betreft, gebruiken Belgische bedrijven ze het vaakst om hun ICT-beveiliging te versterken. Die vaststelling geldt nog het meest voor grote ondernemingen.
Het gebrek aan deskundigheid in een bedrijf blijkt de belangrijkste belemmering voor het gebruik van AI. Op de tweede plaats volgt de beperkte beschikbaarheid of de lage kwaliteit van de benodigde data. Slechts een klein aantal bedrijven geeft aan geen gebruik te maken van AI door ethische overwegingen of omdat ze het niet relevant of nuttig vinden.
Internet of Things
Meer dan een kwart van de bedrijven in België maakt gebruik van Internet of Things (IoT)-apparaten. De prestaties van België op deze indicator liggen dicht bij het Europese gemiddelde en liggen voor op de meeste van zijn buurlanden.
3D-printing
In 2020 maakte 6,2 % van de bedrijven in België gebruik van 3D-printing. Het gebruik van die technologie is sterk gecorreleerd met de grootte van de onderneming, aangezien 2 1% van de grote ondernemingen er gebruik van maakt, tegenover slechts 5 % van de kleine ondernemingen.
Als we de sectoren nader bekijken, zien we dat de reparatie van computers en andere communicatieapparatuur en de productie van diverse producten en apparatuur de grootste gebruikers zijn van 3D-printing, met respectievelijk 42,9 % en 25,5 % van de bedrijven die het gebruiken.
Robotica
Als het gaat om het gebruik van robots door bedrijven, moeten we onderscheid maken tussen industriële robots en dienstrobots.
Een industriële robot is een programmeerbaar systeem met verschillende vrijheidsgraden voor het uitvoeren van een verscheidenheid aan taken in verschillende industrieën: lassen, verven, assemblage, inspecties in gevoelige gebieden, lasersnijden, enz.
Een dienstrobot daarentegen is geprogrammeerd om mensen te helpen bij hun werk door repetitieve taken te automatiseren: schoonmaakrobot, bezorgingsrobot, bewakingsrobot, enz.
Grote bedrijven, die ook over meer middelen beschikken, maken het meest gebruik van robotica. Tussen 2020 en 2022 steeg het gebruik van industriële of dienstrobots door grote bedrijven met 5,9 procentpunten. Voor alle bedrijfsgroottes samen worden industriële robots het meest gebruikt.
In 2022 zijn de redenen die onze bedrijven, ongeacht hun grootte, het meest noemen voor het gebruik van robotica:
- de garantie van hoge precisie of gestandaardiseerde kwaliteit van processen en/of geproduceerde goederen en diensten;
- de verbetering van de veiligheid op de werkplek;
- de hoge arbeidskosten.
Het is ook interessant om op te merken dat iets meer dan 30 % van de grote bedrijven robots gebruikt om een andere reden dan belasting- of overheidsprikkels. Zij gebruiken deze technologie vooral vanwege een echte toegevoegde waarde.
Kijken we naar de bedrijfssectoren, dan zien we dat de productie en de fabricage van IT-producten en andere apparatuur bovenaan de lijst staan van sectoren die het meest gebruikmaken van industriële of dienstrobots.
Cloud computing
Cloudcomputing-diensten zijn IT-diensten die worden geleverd en gehost met behulp van externe servers.
In 2023 heeft meer dan de helft van de Belgische bedrijven cloudcomputing-diensten aangekocht (51,7 %). Die indicator is gekoppeld aan de grootte van het bedrijf: 47,1 % van de kleine bedrijven heeft deze aankoop gedaan, tegenover 88,2% van de grote bedrijven, een percentage dat bijna verdubbeld is.
Als we meer specifiek kijken naar de soorten cloudcomputing-diensten die bedrijven in 2023 afnemen, dan is de top vijf van meest afgenomen diensten als volgt:
- e-mail service (45,5 %)
- bestandsopslag (43,9 %)
- kantoorsoftware (38,8 %)
- toepassingen voor beveiligingssoftware (38,2 %)
- hosting van bedrijfsdatabases (32,3 %)
Als we de bedrijfssectoren nader bekijken, heeft de aankoop van Cloudcomputing-diensten in 2023 vooral betrekking op industriële activiteiten die verband houden met de energiesector (raffinage, elektriciteit, gas, enz.) en IT (informatie- en communicatietechnologieën, reparatie van apparatuur).
Analyse van data
35,5 % van de Belgische bedrijven analyseert gegevens uit alle bronnen. Ons land ligt hiermee ver voor op het Europese gemiddelde. Als we gegevensbronnen vergelijken, zien we dat Belgische bedrijven prioriteit geven aan het analyseren van gegevens over transacties (verkoopgegevens, betalingsgegevens, enz.), gevolgd door klantgegevens (aankoopinformatie, locatie, voorkeuren, meningen van klanten, zoekopdrachten, enz.).
Digitale intensiteit van bedrijven
De Digital Intensity Index (DII) meet de mate van digitale technologie-adoptie binnen een bedrijf. De DII geeft aan hoeveel digitale technologieën een onderneming actief gebruikt, en beoordeelt de digitale volwassenheid van de organisatie. De DII is gebaseerd op het gebruik van een set van 12 digitale technologieën, die in totaal een breed spectrum van digitale toepassingen en infrastructuur omvatten.
Dit zijn de technologieën/criteria die gebruikt worden om de digitale intensiteit te meten:
- Internettoegang voor werknemers: meer dan 50 % van de werknemers heeft toegang tot internet voor zakelijke doeleinden.
- Snelheid van internetverbinding: de snelste vaste internetverbinding heeft een gecontracteerde downloadsnelheid van minstens 30 Mb/s.
- E-commerce: het bedrijf genereert minstens 1 % van de totale omzet via e-commerce.
- Webomzet: de webomzet is meer dan 1 % van de totale omzet, en de b2c-webomzet is meer dan 10 % van de webomzet.
- ICT-beveiliging: het bedrijf heeft documenten met maatregelen, praktijken of procedures voor ICT-beveiliging.
- Bewustwording van ICT-beveiliging: werknemers worden bewust gemaakt van hun verplichtingen op het gebied van ICT-beveiliging.
- Beveiligingsmaatregelen: het bedrijf maakt gebruik van minstens 3 verschillende ICT-beveiligingsmaatregelen.
- ICT-vaardigheden: werknemers krijgen training om hun ICT-vaardigheden te ontwikkelen.
- ICT-specialisten: het bedrijf heeft ICT-specialisten in dienst.
- Gebruik van AI-technologie: het bedrijf maakt gebruik van minimaal één AI-technologie.
- Werknemers op afstand: werknemers kunnen op afstand toegang krijgen tot e-mails, documenten of bedrijfsapplicaties.
- Vergaderingen op afstand: het bedrijf organiseert vergaderingen via het internet.
De verschillende niveaus van digitale intensiteit worden als volgt gemeten:
- Zeer laag niveau: bedrijven die tussen 0 en 3 van de genoemde technologieën gebruiken.
- Laag niveau: bedrijven die tussen 4 en 6 technologieën gebruiken.
- Hoog niveau: bedrijven die tussen 7 en 9 technologieën gebruiken.
- Zeer hoog niveau: bedrijven die tussen 10 en 12 technologieën gebruiken.
- Minimaal basisniveau: bedrijven die 4 technologieën of meer gebruiken.
Van de Belgische bedrijven heeft
- 15,7 % een zeer lage digitale intensiteit
- 35,14 % een lage digitale intensiteit
- 34,34 % een hoge digitale intensiteit
- 14,82 % een zeer hoge digitale intensiteit
Er is een sterke correlatie tussen de mate van digitale intensiteit van een onderneming en haar grootte. Terwijl de meerderheid van de kleine bedrijven een lage tot hoge digitale intensiteit heeft (72,53 %), heeft 95,35 % van de grote bedrijven een hoge tot zeer hoge digitale intensiteit.