Tot eind 2020 was de maximale ontginningsdiepte beperkt tot 5 meter onder een bathymetrisch referentiemodel. De Dienst Continentaal Plat heeft op basis van wetenschappelijke argumenten een nieuw referentieniveau bepaald. Vanaf 2021 is dit niveau de nieuwe limiet voor ontginning. Bij de vastlegging van dit nieuw oppervlak werd rekening gehouden met de volgende criteria:

  • het behoud van de aard van de sedimenten om de integriteit van de zeebodem zo goed mogelijk te behouden;
  • het behoud van de structuur van de zandbanken, uitgaande van hun rol in de bescherming van de Belgische Kust;
  • het maximaal gebruik van het beschikbare zand in de mobiele structuren zoals zandgolven;
  • een beperking van de impact op de hydrodynamische condities.

Op basis van de beschikbare data werden per controlezone referentieoppervlakken gedefinieerd. Uitgaande van deze referentieoppervlakken worden kaarten opgesteld met het beschikbare volume zand. Dat is gedefinieerd als het verschil tussen het referentieoppervlak en het actuele zeebodemoppervlak (de bathymetrie). De volumekaarten vormen de basis voor het af­bakenen, binnen de verschillende sectoren, van gebieden waar de limiet overschreden is en exploitatie niet toegelaten is. De afbakening van die gebieden wordt jaarlijks aan de actuele situatie aangepast.

De vijf controlezones en de exploratiezone met de voor zandwinning gesloten deelzones in 2021 in het rood.

afgebakende zones zandwinning 2021
Bron: Dienst Continentaal Plat

 

Nieuwe referentieoppervlakken - Vastlegging gesloten zones vanaf 1 januari 2021 (PDF, 4.99 MB)

Laatst bijgewerkt
12 januari 2021