Private bedrijven geven soms een bijdrage aan het personeel dat technisch werkloos gesteld wordt, om het loonverlies te compenseren. Mag dat ook bij een gemeentebestuur en hoe kunnen we dat aanpakken?

De meeste personeelsleden van een gemeente zijn statutaire personeelsleden. Voor die statutaire personeelsleden kan er geen tijdelijke werkloosheid aangevraagd worden.

Voor de contractuele personeelsleden van een gemeente kan er wel tijdelijke werkloosheid aangevraagd worden.

De regering heeft beslist dat er (van overheidswege) een toeslag van 150 euro wordt toegekend aan een tijdelijk werkloze. Tevens werd beslist het bedrag van de uitkering tijdelijke werkloosheid omwille van corona (met terugwerkende kracht) vanaf 1 februari te verhogen van 65 naar 70 %.

Aanvullingen op socialezekerheidsuitkeringen zijn in beginsel niet verboden. De toekenning van een dergelijke toeslag of aanvulling mag er echter niet toe leiden dat de tijdelijk werkloos gestelde werknemer aan die situatie meer zou overhouden dan wanneer hij zijn gewone loon zou ontvangen.

Bron: FOD WASO

Zijn er ondersteuningsmogelijkheden voor personen die een tijdelijke werkloosheidsuitkering krijgen omdat ze behoren tot de risicogroep en dus niet kunnen gaan werken? Of volgen wij één van de 10 procedures van de ondersteuning van bedrijfsleven?

Het verhogen van de uitkering in geval van tijdelijke werkloosheid van 65 tot 70 % en het toekennen van de toeslag van 150 euro zijn een ondersteuning van de tijdelijk werkloos gestelde werknemers. Het verhogen van de uitkering van 65 naar 70 % maakte trouwens deel uit van de 10 ondersteuningsmaatregelen die de regering goedgekeurd heeft.

Bron: FOD WASO

Kunnen personen die wegens uitzonderlijke omstandigheden (bv. dochter met multiple sclerose) toch hun zaak moeten sluiten ook beroep doen op de coronahinderpremie?

Ondernemingen en zelfstandigen die verplicht geheel moeten sluiten door de coronacrisis kunnen de coronahinderpremie en de bijkomende sluitingspremie aanvragen.

Dat geldt enkel voor sluiting wegens corona.

Bron: FOD WASO

Alle hulpdiensten behoren tot een risicogroep qua besmetting met corona. Komt er een automatische erkenning als arbeidsongeval/beroepsziekte als zij besmet worden met corona (de bron van de besmetting kan nl. niet met zekerheid achterhaald worden)?

De besmetting met het nieuwe coronavirus is erkend als beroepsziekte voor het personeel uit de gezondheidszorg. Aanvragen voor schadeloosstelling moeten wel vergezeld worden van de uitslag van een laboratoriumtest die de aanwezigheid van het coronavirus bevestigt.

Bron: FOD WASO

Ziekte-uitval wordt een probleem bij de ambulanciers. Kunnen er voor brandweervrijwilligers die technisch werkloos zijn soepele regelingen toegestaan worden voor taken die ze mogen doen?

Het is toegelaten om zonder formaliteiten activiteiten als vrijwillige brandweerman, als vrijwilliger van de civiele bescherming of als vrijwillige ambulancier te verrichten. De vergoedingen die ze daarvoor ontvangen mogen gecumuleerd worden.

Bron: FOD WASO

Wat is de situatie van grensarbeiders bij het sluiten van de grenzen?

Er zijn inreis- en uitreiscontroles ingevoerd op niet-essentiële verplaatsingen van en naar België om de nationaal geldende beslissingen en voorschriften af te dwingen. In het bijzonder worden de toeristische verplaatsingen naar België verboden en zijn grenscontroles van toepassing. Overtredingen worden gesanctioneerd. Grensarbeiders, medici en werknemers in de zorgsector die de grens oversteken in het kader van hun beroep, vallen niet onder de maatregel.

Bron: FOD WASO

Bedrijfssluiting  en economische werkloosheid: is het akkoord van de Minister van Werk nog nodig (termijn van 5 weken)?

Vanaf 13 maart 2020 wordt de notie tijdelijke werkloosheid wegens overmacht soepel toegepast door de RVA. Alle situaties van tijdelijke werkloosheid als gevolg van het coronavirus kunnen beschouwd worden als tijdelijke werkloosheid wegens overmacht, ook indien er bijvoorbeeld toch nog kan gewerkt worden op bepaalde dagen.

Voorlopig geldt die soepele regeling tot en met 5 april 2020. De periode kan worden verlengd tot 30 juni 2020, indien de maatregelen door de regering worden verlengd of versterkt.

Er dient dus geen aanvraag tot erkenning als onderneming in moeilijkheden te worden ingediend bij de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg.

Indien de tijdelijke werkloosheid niet het gevolg is van het coronavirus, kan de werkgever nog een beroep doen op het stelsel van tijdelijke werkloosheid op grond van economische oorzaken.

Bron: FOD WASO

Kan een bedrijf dat zijn activiteit gedeeltelijk voortzet (noodhersteller ...), genieten  van de compensatiepremie?

Vlaams Gewest

De hinderpremie wordt toegekend aan ondernemingen die verplicht gesloten zijn ten gevolge van de coronavirusmaatregelen, en waarbij hun locatie gesloten is. Zij die niet verplicht moeten sluiten, komen niet in aanmerking voor de hinderpremie. Alle info over de hinderpremie vindt u op http://www.vlaio.be/.

Waals Gewest

Een compensatievergoeding van 5.000 euro wordt toegekend aan de onderneming die volledig is afgesloten of die stilgelegd wordt als gevolg van de maatregelen tegen het coronavirus COVID-19 en die actief is in een sector of een deel van een sector opgenomen in het voornoemde besluit (horeca, kleinhandelszaken, logies, reisbureaus en verwante activiteiten).

Beroepen waarbij werken is toegestaan maar waarbij er geen of weinig klanten zijn, kunnen de compensatievergoeding niet krijgen.

Hetzelfde geldt voor bedrijven die slechts een deel van hun bedrijf moeten sluiten.

Bron: Besluit van de Waalse Regering van 20 maart 2020 betreffende de toekenning van compensatievergoedingen in het kader van de maatregelen tegen het coronavirus COVID-19.

Er zijn echter nog andere vervangingsinkomens (bv. overbruggingsrecht).

Brussels Hoofdstedelijk Gewest

De premies hebben alleen betrekking op instellingen die verplicht zijn te sluiten in de zin van het ministerieel besluit.

Er is een specifiek statuut voorzien voor kappers, die uitdrukkelijk worden vermeld.

De definitieve modaliteiten worden op donderdag 26 maart 2020 door de regering vastgesteld.

Verliezen bedrijven die als niet-essentieel worden beschouwd en die niet mogen openblijven, maar die besluiten om noodverkopen via e-commerce aan te bieden, hun premies?

Vlaams Gewest

De hinderpremie wordt toegekend aan ondernemingen die verplicht gesloten zijn ten gevolge van de coronavirusmaatregelen, en waarbij hun locatie gesloten is. Zij kunnen online nog producten verkopen.

Alle info over de hinderpremie vindt u op www.vlaio.be.

Waals Gewest

De betrokken bedrijven kunnen hun premies behouden. De bedrijven daarentegen die al uitsluitend via e-commerce werkten hebben geen recht op de premie.

Brussels Hoofdstedelijk Gewest

De premies hebben alleen betrekking op ondernemingen die verplicht zijn te sluiten in de zin van het ministerieel besluit.

Als die instellingen aan e-commerce gaan doen, zullen ze toch de eenmalige compensatiepremie blijven ontvangen.

De definitieve modaliteiten worden op donderdag 26 maart 2020 door de regering vastgesteld.

Kan bij tijdelijke werkloosheid ontslag worden gegeven zonder opzeggingstermijn? Heeft een werknemer bij gebrek aan werk door economische oorzaken het recht om de overeenkomst zonder opzegging te beëindigen?

In geval van tijdelijke werkloosheid door overmacht (corona) blijven de gewone regels over ontslag van toepassing.

Bron: FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg

Bevestigt u dat, overeenkomstig artikel 56 AOK-wet, het gewaarborgde loon niet wordt betaald voor ongeschiktheidsdagen die samenvallen met werkloosheidsdagen, en dat zowel voor arbeiders als voor bedienden, voor economische werkloosheid en ook voor werkloosheid wegens overmacht?

Voor de samenloop van schorsingen geldt als uitgangspunt dat de uitvoering van de arbeidsovereenkomst niet terzelfdertijd omwille van twee verschillende redenen kan worden geschorst. Welke van beide oorzaken in dergelijk geval leidt tot schorsing van de arbeidsovereenkomst wordt niet geregeld door de Arbeidsovereenkomstenwet. In de praktijk wordt vaak gebruik gemaakt van het zogenaamde chronologische criterium waarbij de eerste schorsingsoorzaak eventuele andere gebeurtenissen neutraliseert.

Wanneer de arbeidsongeschiktheid door ziekte een aanvang neemt vóór het ingaan van de schorsing door economische werkloosheid of van de schorsing door overmacht, primeert de schorsing door arbeidsongeschiktheid. In dat geval heeft de arbeider in beginsel recht op gewaarborgd loon overeenkomstig de bepalingen van artikel 52 e.v. van de arbeidsovereenkomstenwet.

Artikel 56, eerste lid van de arbeidsovereenkomstenwet bepaalt echter dat tijdens een periode van schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst door ziekte of ongeval, de arbeider enkel recht heeft op het normale loon voor de dagen van gewone activiteit waarvoor hij aanspraak had kunnen maken op loon, als hij niet in de onmogelijkheid had verkeerd om te werken.

Met andere woorden er is slechts recht op gewaarborgd loon als de arbeidsongeschiktheid loonverlies zou hebben meegebracht. Als er zonder arbeidsongeschiktheid geen recht op loon zou zijn geweest, dan is er bijgevolg ook mét arbeidsongeschiktheid geen recht op loon. Door voormelde wetsbepaling is er dan ook geen gewaarborgd loon verschuldigd voor de dagen van arbeidsongeschiktheid die samenvallen met een periode waarin de uitvoering van de arbeidsovereenkomst van de werkman is geschorst door economische redenen of overmacht. De werkman zal voor die samenvallende periode een uitkering van het RIZIV ontvangen.

Merk volledigheidshalve op dat voor de bedienden geen wetsbepaling bestaat in de zin van artikel 56 van de Arbeidsovereenkomstenwet. Over de vraag of de regel van artikel 56 naar analogie kan worden toegepast op de bedienden, worden in de rechtspraak en in de rechtsleer tegengestelde standpunten ingenomen. De FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg is in dat verband de mening toegedaan dat het billijk en conform de geest is van de wet van 3 juli 1978 over de arbeidsovereenkomsten om de bepaling van artikel 56 als een algemene regel te beschouwen en die naar analogie toe te passen op de bedienden.

Bron: FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg

Wat met het overbruggingsrecht voor zelfstandigen?

Zelfstandigen, helpers en meewerkende echtgenoten die hun zelfstandige activiteit noodgedwongen moeten onderbreken door Covid-19, komen in aanmerking voor de financiële uitkering in het kader van het overbruggingsrecht voor de maanden maart en april 2020 (1.291,69 euro zonder gezinslast en 1.614,10 euro met gezinslast).

Het gaat meer bepaald over:

  • zelfstandigen die hun zelfstandige activiteit volledig of gedeeltelijk moeten onderbreken door de sluitingsmaatregelen van de overheid.
    Een gedeeltelijke sluiting is bijvoorbeeld een restaurant dat wel nog afhaalmaaltijden verdeelt.
  • zelfstandigen die niet rechtstreeks getroffen worden door de sluitingsmaatregelen van de overheid, maar die hun zelfstandige activiteit alsnog volledig moeten onderbreken gedurende minstens 7 opeenvolgende kalenderdagen.  Bijvoorbeeld: een krantenwinkel die – wettelijk gezien – niet dient te sluiten, maar dat toch doet omdat de klanten wegblijven, kan na 7 opeenvolgende kalenderdagen sluiting ook aanspraak maken op het maandbedrag.

Bron: FOD Sociale Zekerheid

Hoe worden de 70 % van het brutoloon berekend voor de RVA-uitkeringen? Spreken we daarbij (i) over 70 % van het vaste loon, of (ii) over 70 % van het vast + variabel loon? Als het variabele loon meegenomen wordt in de berekening, hoe wordt het gemiddelde dan berekend?

Bij de berekening van de 70 % wordt uitgegaan van een gemiddeld dagloon. Dat dagloon wordt berekend rekening houdend met het vaste loon en het variabele loon.

Voor de concrete berekening van het gemiddelde dagloon, zie het infoblad E14 op de website van de RVA in de rubriek: “Hoe kunt u het theoretisch gemiddelde brutoloon van uw werknemer bepalen?”

Bron: FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg

Betaalt de RVA het supplement van 5,63 euro pro rata voor deeltijdse werknemers of is het een vast bedrag voor alle werknemers?

Als u tijdelijk werkloos wordt gesteld wegens overmacht (niet om een andere reden!) ontvangt u bovenop uw werkloosheidsuitkering nog een bedrag van 5,63 euro per uitkering, ten laste van de RVA en betaald door uw uitbetalingsinstelling. Dat is een vast bedrag voor de werknemer die vergoed wordt in het stelsel van de voltijdse uitkeringen. Voor de werknemer die vergoed wordt als vrijwillig deeltijdse werknemer bedraagt dat bedrag 2,82 euro per uitkering.

Bron: FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg

Wordt het voorschot van 1.450 euro aan alle werkloze werknemers betaald, of ze nu minder of meer dan 1.450 euro werkloosheidsuitkeringen krijgen volgens de berekening van de 70 %?

In geval van tijdelijke werkloosheid door overmacht of economische redenen is een minimumbedrag per dag voorzien, voor elke tijdelijk werkloze. Dat bedrag stemt overeen met het geciteerde voorschot.

Bron: FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg

Laatst bijgewerkt
1 april 2020