De wet kent exclusieve rechten toe aan de “producenten van fonogrammen” en de “producenten van de eerste vastleggingen van films”. Dit naburige recht van de producenten heeft betrekking op de albums en films die ze produceren.

Opgelet! Enkel de producenten van de eerste vastlegging van een film of van geluid beschikken over een naburig recht hierop. Wie bijvoorbeeld een geluidsband zou kopiëren op cd, krijgt geen naburig recht op deze tweede vastlegging. Enkel de producent van de originele geluidsband wordt de houder van een naburig recht.

Die naburige rechten van de producent moeten worden onderscheiden van de eventuele auteursrechten op het geluidsmateriaal (bijvoorbeeld liedjes) of filmmateriaal zelf die door de producent zijn vastgelegd. Op eenzelfde fonogram kunnen meerdere rechten gelden: het auteursrecht van de componist en de tekstschrijver, het naburig recht van de uitvoerende kunstenaars, zoals zangers en musici, en dus ook het naburig recht van de producent van dit fonogram.

De wet kent naburige rechten toe aan de producenten, omdat zij de kosten dragen van de productie van een film of een geluidswerk. Zo staan ze in voor de initiële opname waaruit de exemplaren worden geproduceerd, voor het distributienetwerk, de marketing, enz. Al deze activiteiten brengen een belangrijke investering met zich mee, en zonder deze rechten is het weinig waarschijnlijk dat er kandidaten zouden zijn om de kosten en risico’s op zich te nemen, om een werk te produceren.

Waarop heeft het naburig recht van producenten betrekking?

Een fonogram is de eerste vastlegging, de moederband of de master van een geluid. Hiermee wordt de eerste opname bedoeld van klanken zoals muziek, een lied, stemmen of zelfs gewone geluiden (vogelgezang, natuurgeluiden).

De eerste vastlegging van een film is de eerste opname van een serie bewegende beelden. Het gaat dus om de eerste master van een cinematografisch werk, een documentaire, een tekenfilm, maar ook van elke andere opeenvolging van beelden.

Wie kan zich beroepen op het naburig recht voor producenten?

De producent is de fysieke persoon of rechtspersoon die de financiering en het risico draagt voor het realiseren van de eerste vastlegging van geluiden of klanken (moederband).

Voor film is het begrip “producent van de eerste vastlegging” vergelijkbaar. Hiermee wordt de fysieke persoon of rechtspersoon bedoeld, die verantwoordelijk is voor de eerste vastlegging van een audiovisueel werk of van een sequentie van beelden, zelfs indien deze niet door het auteursrecht zijn beschermd (televisie-uitzending, beelden van sportwedstrijden, enz.)

Welke rechten hebben de producenten?

Vermogensrechten van de producenten

De naburige rechten van de producenten laten hen toe om hun investeringen in het realiseren van de master te beschermen. 

Aan hen komt het recht toe om de vastlegging van muziek, documentaires, films, enz. te exploiteren. Hun voornaamste exclusieve rechten zijn het reproductierecht en het recht tot mededeling aan het publiek.

Reproductierecht

Om een fonogram of film te reproduceren, is de toestemming van de producent vereist. Het reproductierecht geeft producenten zo de mogelijkheid om de exploitatie te controleren die men van een eerste vastlegging wil realiseren, via het maken en verspreiden van reproducties ervan. Men moet dus toestemming vragen aan de producent om fysieke of digitale exemplaren, al dan niet gratis, te mogen verspreiden. 

Meer in het algemeen is voor elke reproductie, op basis van de eerste vastlegging, de toestemming van de producent vereist. Dit geldt ongeacht de technische middelen waarvan gebruikt wordt gemaakt voor de reproductie: cd, dvd, digitale bestanden of andere.

Alle vormen van kopie vallen onder de naburige rechten: definitieve of tijdelijke, volledige of gedeeltelijke, kopieën gemaakt om te verkopen of gratis te verspreiden, kopieën voor een derde of voor zichzelf (met uitzondering van de privékopie en de andere uitzonderingen opgenomen in boek XI, titel 5).

Recht van mededeling aan het publiek

Het recht tot mededeling aan het publiek van een vastlegging van film of geluid is onderworpen aan de toestemming van de producent van deze vastlegging.

De toestemming van de producent is dus vereist om publiekelijk gebruik te maken van de gerealiseerde vastlegging, zoals bij het projecteren van een film voor een publiek, of het verspreiden ervan via internet.

Er zijn echter twee belangrijke situaties waarbij een dergelijke toestemming niet nodig is:

  • de mededeling aan het publiek van een fonogram/muziekschijf op een openbare plaats, op voorwaarde dat die niet voor een voorstelling wordt gebruikt en als de toegang gratis is; en
  • de uitzending van een fonogram via de omroep.

In deze twee gevallen wordt wel een vergoeding geïnd, ten behoeve van de betrokken producent van de geluidsopname.

Uitleen- en verhuurrecht

De toestemming van de producenten is vereist om een film of muziek, waarvan zij de originele vastlegging hebben verzorgd, te leen of te huur aan te bieden.

Distributierecht

De toestemming van de producenten is vereist om materiële exemplaren van een film of fonogram te verspreiden.

Morele rechten van producenten

Producenten van fonogrammen en films hebben geen morele rechten, dit in tegenstelling tot auteurs of uitvoerende kunstenaars.

Recht op vergoeding van producenten

Naast het recht om bepaalde handelingen in verband met de fonogrammen of films, waarvan ze de originele vastlegging hebben verzorgd, al dan niet toe te staan, omvatten de naburige rechten ook een recht op vergoeding ten gunste van producenten. In die gevallen kunnen zij bepaalde gebruikshandelingen van hun producties niet verbieden, maar hebben ze als tegenprestatie wel recht op een vergoeding (zoals bepaald door de wet).

zie ook: "Uitzonderingen op de naburige rechten"

Laatst bijgewerkt
29 september 2020