De erkenning van preferentiële oorsprong zorgt ervoor date en goed kan genieten van een verminderd of een nul-douanetarief.

De Europese Unie (EU) heeft met verschillende landen handelsovereenkomsten afgesloten, waarin gunstige invoerrechten voorzien zijn. Zo kan een Belgische exporteur er voor zorgen dat zijn klant buiten de Europese Unie in aanmerking komt voor een vermindering of vrijstelling van invoerrechten. Een Belgische importeur kan zo ook genieten van dat voordeel wanneer hij goederen invoert uit partnerlanden.

Om die preferentiële invoerrechten (bij invoer in de EU) te kennen per land van oorsprong, raadpleeg de database Market Access Database (knop “Applied Tariffs”) van de Europese Commissie.

Om de formaliteiten bij invoer in een derde land te kennen, kunt u klikken op de knop “Import Formalities” in de database Market Access Database van de Europese Commissie.

Bewijsvoering voor de preferentiële oorsprong

De preferentiële oorsprong van een goed moet aangetoond worden met een certificaat uitgegeven door de overheden van het uitvoerende land en moet kunnen voorgelegd worden, in principe, op het moment van dedouanering.

De preferentiële oorsprong moet bewezen worden met

  • ofwel een bewijs van goederenverkeer EUR.1 (of EUR-MED),
  • ofwel een verklaring op factuur

Dat bewijs moet u met de uitgevoerde goederen meezenden.

Het certificaat EUR.1 en EUR-MED wordt afgegeven door de Administratie der douane en accijnzen (zie de lijst van de hulpkantoren der douane en accijnzen die bevoegd zijn om de certificaten af te leveren).

Lijst van alle hulpkantoren

Alvorens een bewijsstuk van preferentiële oorsprong aan te vragen of er zelf een op te stellen, moet de exporteur ook nagaan of hij wel voldoet aan de criteria voor het bekomen van de preferentiële oorsprong. De regels worden opgesomd in het protocol over de definitie van het begrip “producten van oorsprong” en “methoden van administratieve samenwerking” dat bij het betreffende handelsakkoord zit.

Goederen ingevoerd vanuit een ontwikkelingsland

Wanneer een economische operator goederen invoert uit ontwikkelingslanden, kan hij eveneens genieten van het Algemeen Preferentiesysteem  (APS). In het kader van het APS, kent de Europese Unie unilateraal tariefpreferenties toe aan bepaalde goederen van een begunstigd land.

Het bewijs van oorsprong wordt gegeven door een “certificaat goederenverkeer FORM A”.

Naar het systeem van zelfcertificering REX

Het zelfcertificeringssysteem (REX) van de EU voorziet dat tegen 2020 de attesten van preferentiële oorsprong (EUR1, FORM A) uitsluitend door uitvoerders opgemaakt worden die geregistreerd zijn in de database REX van de Europese Commissie.

Het uitrollen van het systeem REX verloopt geleidelijk. Momenteel gebruikt reeds een groot aantal landen dat systeem, en niet langer het FORM A.

Vragen?

Contacteer de FOD Financiën via da.ops.douane1@minfin.fed.be

Laatst bijgewerkt
8 februari 2019