Table of Contents

    Om de activiteit van minnelijke invordering van schulden bij consumenten uit te oefenen moet een schuldinvorderaar ingeschreven zijn bij de FOD Economie. Hij moet daarvoor aan een aantal voorwaarden voldoen, zoals:

    • een uittreksel uit het strafregister voorleggen
    • een attest van een beroepsaansprakelijkheidsverzekering voorleggen
    • een derdenrekening openen

    Een inschrijving betekent echter niet noodzakelijk dat een schuldinvorderaar geen inbreuken op de wet kan plegen. Als er inbreuken worden vastgesteld, kan de inschrijving geschrapt worden.

    Wie moet zich inschrijven als schuldinvorderaar?

    Elke vennootschap, vereniging of natuurlijk persoon die de activiteit van minnelijke invordering van schulden bij consumenten uitoefent.

    Naast incassobureaus moeten bijvoorbeeld ook verenigingen die een activiteit van minnelijke schuldinvordering uitvoeren voor rekening van hun leden, zijn ingeschreven.

    Ook buitenlandse incassobureaus die schulden innen bij consumenten die hun hoofdverblijfplaats in België hebben, zijn onderworpen aan de Belgische incassowet en moeten zijn ingeschreven.

    Advocaten, gerechtelijk mandatarissen (bv. gerechtsdeurwaarders) en ministeriële ambtenaren zijn vrijgesteld van de verplichting tot voorafgaandelijke inschrijving. Ze moeten wel andere bepalingen van de betreffende wet naleven, bijvoorbeeld, het verbod op bepaalde gedragingen of praktijken.

    Lijst van de personen die ingeschreven zijn als schuldinvorderaar (PDF, 633.64 KB)

    Sancties als de inschrijvingsplicht niet wordt nageleefd

    Als een schuldinvorderaar niet beantwoordt aan de wettelijke verplichting tot inschrijving kan de rechtbank oordelen dat hij, naast de strafrechtelijke sanctie (boetes), de bedragen die de consument hem betaald heeft moet terugstorten. Met andere woorden, de bedragen die de consument betaalde, krijgt de consument in dat geval niet alleen terug, hij of zij moet die bedragen ook niet meer betalen aan de oorspronkelijke schuldeiser.

    Inschrijvingsprocedure voor schuldinvorderaars

    • Als het gaat om een rechtspersoon, moet die zijn opgericht in de vorm van een vennootschap of een vereniging. Verder moet men zijn ingeschreven bij de Kruispuntbank van Ondernemingen.
    • De schuldinvorderaar moet een beroepsaansprakelijkheidsverzekering sluiten, tenzij één van de volgende personen de beroepsaansprakelijkheid dekt:
      1. de schuldeiser of een andere schuldinvorderaar waarvoor of in naam waarvan hij optreedt;
      2. een erkende beroepsfederatie of beroepsvereniging waarvan de schuldinvorderaar lid is overeenkomstig artikel 5 van de wet van 6 maart 1964 tot organisatie van de Middenstand en artikel 6 van de wet van 31 maart 1898 op de beroepsverenigingen. Artikelen 2, § 2, 1° en 2°, van het koninklijk besluit van 17 februari 2005 beschrijven aan welke voorwaarden die verzekering moet beantwoorden.
    • De schuldinvorderaar moet een derdenrekening openen waarbij de ontvangen en door te storten fondsen duidelijk gescheiden worden van het eigen patrimonium.
    • De aanvraag tot inschrijving moet via e-mail verzonden worden naar: sirc@economie.fgov.be.
    • De aanvraag moet volgende gegevens bevatten:

      1. het identificatiegegevens en ondernemingsnummer

      2. Het telefoonnummer en e-mailadres. De medewerkers van de FOD Economie gebruiken die om met de aanvrager te communiceren.

    Samen met de aanvraag moeten de volgende twee documenten toegevoegd worden:

    • Een attest van de verzekeringsonderneming, dat aantoont dat er een beroepsaansprakelijkheidsverzekering werd gesloten, hetzij door de aanvrager, hetzij door een van de personen die de beroepsaansprakelijkheid dekt van de aanvrager, waarbij vermeld wordt dat de verzekeringsovereenkomst aan de wettelijke voorwaarden voldoet en dat de verzekeringspremie werd betaald;
    • Een uittreksel uit het strafregister van alle bestuurders, zaakvoerders of gevolmachtigden van de onderneming, bestemd voor een openbaar bestuur, of een in het buitenland gelijkwaardig document, dat niet ouder is dan drie maanden, verstrekt overeenkomstig artikel 569, eerste lid, van het Wetboek van strafvordering.

    Geschillen en klachten

    Voor klachten over het niet naleven van de inschrijvingsvereisten kan men online een probleem signaleren.

    Laatst bijgewerkt
    13 september 2023