Table of Contents

    De federale regering beoogt om tegen zo laag mogelijke maatschappelijke kosten een zo groot mogelijk aandeel aan bijkomende offshore hernieuwbare elektriciteitsproductie te realiseren. Zo worden de kosten voor de ontwikkeling van de extra capaciteit aanzienlijk verlaagd door:

    • het organiseren van een concurrerende inschrijvingsprocedure (tender);
    • het in de markt zetten van grotere kavels;
    • het uitvoeren van voorstudies door de Algemene Directie Energie.

    Om de bouw en exploitatie van de bijkomende offshore installaties toe te wijzen, organiseert de federale regering een concurrerende inschrijvingsprocedure (tender), net zoals in de buurlanden het geval is. De tender verloopt overeenkomstig de wet van 12 mei 2019 en overeenkomstig de Europese staatssteunregels. In die wet worden de algemene principes van de tender vastgelegd.

    Daarnaast beoogt België ook, om met dat wettelijk kader, de verbintenissen op Europees niveau en in kader van het Klimaatakkoord van Parijs na te komen.

    De winnaar van de tender krijgt de toelating en de nodige vergunningen voor de bouw en exploitatie van offshore installaties voor de productie van elektriciteit via hernieuwbare energiebronnen. In totaal worden er 3 tenders georganiseerd, één voor elke kavel in de Prinses Elisabeth-zone (PEZ). Meer informatie over de kavelindeling vindt u opde pagina “Identificatie van de kavels voor de aanleg van windparken in de Belgische Noordzee”.

    Voorafgaand aan de tenders werden de nodige voorstudies uitgevoerd. Via zowel bureau- als veldonderzoek werd informatie verzameld over de omgevingscondities in de PEZ. Voor meer informatie over de voorstudies, raadpleeg de pagina “Voorstudies uitgevoerd door de Belgische overheid voor de offshore tender”. 

    Publieke raadpleging over het wettelijk kader van de tender

    De federale regering heeft beslist om de ontwikkeling van offshore windenergie in het Belgische deel van de Noordzee verder te zetten via de uitrol van de Prinses Elisabeth-zone (PEZ). In dat kader wordt een concurrerende inschrijvingsprocedure georganiseerd voor kavel PE I.

    Voor de organisatie van deze tender is een specifiek wettelijk kader uitgewerkt. Dat is vastgelegd in het koninklijk besluit van 3 juni 2024 tot vaststelling van de concurrerende inschrijvingsprocedure, de voorwaarden en de procedure tot toekenning van de domeinconcessies en de algemene voorwaarden voor het gebruik van de kavels voor de bouw en exploitatie van een installatie voor de productie van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België (KB Tender - Geconsolideerde versie (PDF, 499.76 KB) - artikelsgewijze bespreking (PDF, 472.54 KB)).

    In functie van de concrete uitwerking van de tender voor kavel PE I worden wijzigingen aan het KB Tender voorbereid. Deze consultatie heeft betrekking op ontwerpregelgeving waarvan de inhoud nog kan wijzigen in het kader van de verdere regelgevende procedure, met inbegrip van het advies van de CREG, de tussenkomst van budgettaire en politieke instanties, advies Raad van State en de aanmelding in het kader van de Europese staatssteunregels.

    Doelpubliek van de publieke raadpleging

    Deze raadpleging richt zich in de eerste plaats tot actoren uit de offshore sector, waaronder

    • potentiële ontwikkelaars,
    • investeerders,
    • toeleveranciers,
    • andere relevante marktpartijen.

    Verloop van de publieke raadpleging

    De raadpleging wordt georganiseerd door de Algemene Directie Energie via een publicatie op haar website. De consultatie start op maandag 20 april 2026 en eindigt op donderdag 30 april 2026. Feedback wordt bezorgd via het hieronder ter beschikking gestelde invulformulier.

    invulformulier (DOCX, 70.62 KB).

    Vertrouwelijkheid van de publieke raadpleging

    De ingezamelde persoonsgegevens worden uitsluitend gebruikt voor deze raadpleging. Verdere informatie over de behandeling van uw persoonsgegevens zijn beschikbaar in onze vertrouwelijkheidsverklaring

    Offshore tender Kavel 1 (PE I)

    Op 2 juli 2025 besliste minister van Energie Mathieu Bihet om de lopende offshore tender voor kavel PE I in de Prinses Elisabeth-zone te annuleren (PDF, 566.31 KB). Na een grondige analyse van de juridische onzekerheden in het huidige wettelijke kader, wordt de offshore tender voor dit kavel opnieuw gelanceerd in de lente van 2026.

    Flexibele aansluiting

    De Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas (CREG) heeft op 25 oktober 2024 de toekenning van een flexibele aansluiting voor injectie op het transmissienet van het offshore windturbinepark in kavel Prinses Elisabeth I goedgekeurd.
    Op basis van de nieuwe Gedragscode van de CREG, heeft Elia op 23 mei 2025 de formele herevaluatie ingediend bij de CREG voor deze flexibele aansluiting. De belangrijkste conclusie van deze herevaluatie (XLSX, 869.98 KB) is dat 255 MW nu vast zijn in de eerste fase (voordat Boucle du Hainaut klaar is).

    KB MOG II

    Het KB MOG II is het besluit dat wordt genomen in uitvoering van artikel 6/5, § 2 van de elektriciteitswet van 29 april 1999. Dat besluit wordt genomen na het verkrijgen van de omgevingsvergunningen voor Ventilus door Elia.

    Staatssteun

    Aangezien het huidige tenderregime wordt herzien, moet het nieuwe tenderregime opnieuw worden goedgekeurd door de Europese Commissie. Het nieuwe tenderregime wordt aangemeld onder het staatssteunkader vastgelegd bij de Clean Industrial Deal (CISAF). De gesprekken voor de goedkeuring werden ondertussen opgestart en de aanmelding is in volle voorbereiding. De 2-sided CfD (Contract for Difference) staat niet ter discussie.

    Investeringsaftrek

    De wet van 12 mei 2024 houdende diverse fiscale bepalingen, introduceerde een nieuw fiscaal regime over de investeringsaftrek voor investeringen vanaf 1 januari 2025. Dat nieuw regime omvat drie aftrekcategorieën met vaste tarieven:

    1. de basisaftrek van 10 %;
    2. de verhoogde thematische aftrek van 40 %;
    3. de technologie-aftrek van 13,5 %.

    De verhoogde thematische aftrek van 40 % is in het bijzonder van toepassing op de investeringen in efficiënt energieverbruik en hernieuwbare energie. Die investeringen hebben betrekking op vaste activa voor de productie van hernieuwbare energie en het efficiënte verbruik van energie, volgens een lijst opgesteld door de Koning. De lijst van die investeringen is opgenomen in Bijlage II van het koninklijk besluit tot uitvoering van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (hierna AR/CIR92), zoals ingevoerd bij het koninklijk besluit van 20 december 2024.

    Investeringen in Belgische offshore windmolenparken bedoeld om elektriciteit te produceren uit windenergie, worden beschouwd als onderdeel van deze lijst van investeringen, onder categorie 9 (productie van hernieuwbare energie). Zij kunnen dus genieten van de verhoogde thematische aftrek van 40%, mits een attest uitgereikt door de federale minister van Energie.

    Voor investeringsprojecten in offshore windmolenparken waarvan de uitvoering zich over meerdere belastbare tijdperken uitstrekt, kunnen de betrokken bedrijven een aanvraag voor een investeringscertificaat indienen bij de federale minister voor Energie. In die aanvraag moeten de geplande investeringen gedetailleerd worden beschreven. Die mogelijkheid geldt ook voor de kandidaten die willen deelnemen aan toekomstige aanbestedingen voor de bouw en de exploitatie van offshore installaties voor de productie van elektriciteit in de Prinses Elisabeth-zone.

    Op basis van die aanvraag kan de minister hen vanaf nu dit investeringscertificaat uitreiken. Dat certificaat bevestigt dat die investeringen in aanmerking komen voor de verhoogde thematische aftrek van 40 % over alle belastbare tijdperken die het investeringsproject bestrijkt, op basis van de investeringslijsten die van kracht zijn tijdens het belastbare tijdperk waarin de aanvraag wordt ingediend. Daarna moet het bedrijf ieder jaar een definitief attest aanvragen voor het voltooide deel van het project, dat bij de belastingaangifte moet worden gevoegd.

    Het bedrag van de belastingaftrek komt in principe overeen met een "deel van de aanschaffings- of beleggingswaarde van de materiële vaste activa die in nieuwe staat zijn verkregen of tot stand gebracht en van de nieuwe immateriële vaste activa, indien die vaste activa in België voor het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid worden gebruikt". De uitgaven die niet in aanmerking komen voor de belastingaftrek zijn gebaseerd op het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.

    Ventilus

    Om de elektriciteit van nieuwe windmolens aan te sluiten op het Belgische hoogspanningsnet, is bijkomende capaciteit nodig. De Ventilus-verbinding vormt hierin de ontbrekende schakel. Die verbinding loopt van de aanlandingslocatie in Zeebrugge tot in Avelgem, over een afstand van ongeveer 82 kilometer.

    Om Ventilus te kunnen realiseren, heeft Elia bij de Vlaamse overheid vijf omgevingsvergunningen aangevraagd. Op 29 oktober 2025 werden alle vijf aanvragen volledig en ontvankelijk verklaard.

    Van 8 november tot en met 7 december 2025 vond een openbaar onderzoek plaats. Tijdens die periode kon iedereen standpunten, opmerkingen en/of bezwaren indienen. Daarnaast organiseerde Elia zeven infosessies langs het Ventilus-traject om inwoners en belanghebbenden te informeren.

    Offshore tender Kavel 2 (PE II)

    Er is nog geen datum bekend voor de publicatie van de tender voor Kavel 2.

    Offshore tender Kavel 3 (PE III)

    Er is nog geen datum bekend voor de publicatie van de tender voor Kavel 3.

    Contact

    Voor specifieke vragen over de ontwikkeling van de PEZ, kunt u contact opnemen  met de Cel Offshore van de Algemene Directie Energie via volgend e-mailadres: offshore.info@economie.fgov.be.

    Laatst bijgewerkt
    21 april 2026