De studie over de perspectieven van elektriciteitsbevoorrading tegen 2030 (prospectieve studie elektriciteit of "PSE2") en haar addendum werden tussen 2012 en januari 2015 uitgewerkt op grond van de bepalingen van de wet van 1 juni 2005.

De kwantitatieve analyse vond plaats in 2012 op basis van de hypothesen en energiestatistieken die respectievelijk in 2011 en in 2010 zijn uitgewerkt.

Een ontwerp van studie (PDF, 3.42 MB) waarvoor raadpleging is georganiseerd, werd afgerond in 2013. Overeenkomstig de wet van 13 februari 2006 heeft dat studieontwerp geleid tot een milieueffectenbeoordeling (PDF, 6.16 MB) die vaste vorm heeft gekregen in een milieueffectenrapport dat eveneens voor raadpleging werd voorgelegd en een niet-technische samenvatting (PDF, 90.33 KB).

Bij die raadpleging hebben de volgende instanties/verenigingen/organismen gereageerd:

  • Het adviescomité SEA
  • De FRDO en de CRB (gemeenschappelijk advies)
  • Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest via het BIM/IBGE
  • Elia
  • FEBELIEC
  • Port of Antwerp
  • Essencia
  • Steelbel
  • Agoria
  • FEBEG

Het ontwerp van PSE2 werd aangepast volgens de belangrijkste commentaren/vragen die tijdens de consultatieperiode (van maart 2014 tot eind juni 2014) zijn ingediend. De definitieve studie werd afgesloten eind september 2014.

Wegens het huidige investeringsklimaat en de moeilijke situatie op het gebied van bevoorradingszekerheid voor de komende winters werd in januari 2015 aan deze studie een addendum (PDF, 237.93 KB) toegevoegd dat rekening houdt met de regeringsverklaring van 10 oktober 2014. Vervolgens werd ook een addendum toegevoegd aan het milieueffectenrapport (PDF, 645.91 KB).

Aan het einde van het uitwerkingsproces werd een verklaring (PDF, 168.09 KB) opgesteld die samenvat hoe rekening is gehouden met de milieuoverwegingen en de resultaten van de milieubeoordeling. Die verklaring is bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad en op de federale portaalsite.

De finale versie van de PSE2 (PDF, 3.24 MB) werd, samen met de verklaring, bezorgd aan de federale Wetgevende Kamers, de gewestregeringen en de Europese Commissie.

In december 2017 is een aanvullend verslag ter monitoring van de bevoorradingszekerheid (PDF, 2.27 MB) opgemaakt, zoals voorzien in de Elektriciteitswet, artikel 3, en de Europese Richtlijn 2009/72/EG, artikel 4.

In december 2019 heeft de AD Energie de PSE3 (PDF, 3 MB) gepubliceerd, zoals voorzien in artikel 3 van de elektriciteitswet en artikel 4 van de Europese richtlijn 2009/72/CE.

Overeenkomstig de wet van 13 februari 2006 moet een verslag over de gevolgen voor het milieu de prospectieve studie vergezellen. Echter, de AD Energie van de FOD Economie heeft het adviescomité “SEA” (Strategic Environmental Assessment) om een vrijstelling verzocht voor het opstellen van een milieueffectenrapport voor het monitoringrapport over de elektriciteitsbevoorradingszekerheid (PDF, 316.51 KB).

Het comité SEA heeft een gunstig advies (PDF, 373.26 KB) afgeleverd, concluderend:

“Om diezelfde redenen is het Adviescomité van oordeel dat de PSE, noch het monitoringsplan worden geviseerd door artikel 6, § 1, 3°, van de SEA-wet. De PSE, noch monitoringsplan bepalen immers een bindend kader voor enig project en beide instrumenten kunnen daarom geen aanzienlijke effecten op het milieu hebben.

Het Adviescomité is dus van oordeel dat de prospectieve studie met betrekking tot de elektriciteitsmarkt is vrijgesteld van verplichting tot het uitvoeren van een SEA aangezien het geen geviseerd plan of programma is in de zin van artikel 6, § 1, van de SEA-wet.”

In december 2021 heeft de AD Energie de Prospectieve studie Elektriciteit (PDF, 1.22 MB) gepubliceerd, zoals voorzien in artikel 3 van de elektriciteitswet en artikel 4 van de Europese richtlijn 2009/72/CE.

In januari 2024 heeft de AD Energie de Prospectieve studie Elektriciteit (PDF, 2.32 MB) gepubliceerd, zoals voorzien in artikel 3 van de elektriciteitswet en artikel 4 van de Europese richtlijn 2009/72/CE.

Laatst bijgewerkt
26 januari 2024