Wie elektrotechnische activiteiten wil uitoefenen, moet naast de basiskennis bedrijfsbeheer ook de sectorale beroepsbekwaamheid bewijzen.
Algemeen
Vereisten voor de inschrijving in de Kruispuntbank van Ondernemingen voor de elektrotechnische activiteiten:
Het ondernemingsloket waar u de (wijziging van de) inschrijving vraagt, gaat na of de onderneming aan de voorwaarden voldoet.
Definitie
Onder de elektrotechnische activiteiten moet worden verstaan:
- het herstellen van elektrische toestellen,
- het plaatsen en herstellen van alle elektrische installaties voor:
- stroomvoorziening,
- verlichting,
- lichtreclame,
- verwarming,
- andere klimaatregeling dan deze voorzien voor de installatieactiviteiten voor centrale verwarming, klimaatregeling, gas en sanitair,
- domotica,
- communicatie,
- signalisatie,
- opname en weergave van beelden of geluiden,
- beveiliging tegen overspanning, brand of diefstal.
Uitzondering
Volgende activiteiten vallen niet onder de reglementering:
- het plaatsen en herstellen van buizen en leidingen voor elektriciteitsvoorziening, zonder het bekabelen noch het aansluiten, indien dit gebeurt door ondernemingen die daarvan hun hoofdactiviteit maken,
- het plaatsen en herstellen van fotovoltaïsche panelen, indien dit gebeurt door ondernemingen die dakdekkers- en waterdichtingsactiviteiten uitoefenen, voor zover dit gebeurt zonder ingreep op de elektriciteitsvoorziening,
- het herstellen van elektrische toestellen waarvan het vermogen 2 kilowatt niet overschrijdt, door de ondernemingen waarvan de verkoop van elektrische toestellen de hoofdactiviteit is,
- het aansluiten van toestellen op een sterkstroominstallatie, indien dit een noodzakelijke dienst na verkoop is van een onderneming waarvan de hoofdactiviteit de verkoop is van dergelijke toestellen, voor zover die aansluiting kan gebeuren op een bestaand aansluitpunt,
- de activiteiten die behoren tot de beroepswerkzaamheid van een installateur-frigorist.
Hoe de sectorale beroepsbekwaamheid bewijzen?
De sectorale beroepsbekwaamheid kan op twee manieren bewezen worden:
- een akte: artikel 30 van het koninklijk besluit van 29/1/2007 bepaalt welke akten in aanmerking komen. Voor akten die u niet onmiddellijk terugvindt, kunt u de diplo-databank raadplegen.
- voldoende praktijkervaring: u moet binnen de laatste vijftien jaar een praktijk bewijzen van:
- drie jaar indien u zelfstandige in hoofdberoep was of voltijds en effectief als geschoold arbeider werkte.
- vijf jaar indien u zelfstandige in bijberoep was of deeltijds als geschoold arbeider werkte.
Wie geen geldig diploma of onvoldoende praktijkervaring heeft, kan een examen afleggen bij de Centrale Examencommissie. Het examen handelt over de administratieve kennis vastgelegd in artikel 5, 2° van het KB van 29/1/2007 en over de sectorale beroepsbekwaamheid vastgelegd in artikel 29 van dat KB. Voor verdere informatie over de administratieve kennis bouw kan u deze syllabus (PDF, 2.09 MB) raadplegen die u ook kan gebruiken als voorbereiding op het examen bij de Centrale Examencommissie.
Lijst van erkende ondernemingsloketten