Skip navigation

Dienst Ondernemingsloketten

FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie
Algemene Directie K.M.O.-Beleid
Dienst Ondernemingsloketten

WTC III, 13de verdieping
Simon Bolivarlaan 30
1000 Brussel

Tel.: 02 277 70 17
Fax: 02 277 53 63
Mail: ol@economie.fgov.be

Restaurateur of traiteur-banketaannemer

Wie de activiteit van restaurateur of traiteur- wil uitoefenen, moet naast de basiskennis bedrijfsbeheer ook de sectorale beroepsbekwaamheid bewijzen.

Algemeen

Vereisten voor de inschrijving in de Kruispuntbank van Ondernemingen voor de activiteit van restaurateur of traiteur-banketaannemer:

Het ondernemingsloket waar u de (wijziging van de) inschrijving vraagt, gaat na of de onderneming aan de voorwaarden voldoet.

Definitie

Onder de activiteit van restaurateur of traiteur-banketaannemer moet worden verstaan: hij of zij die gewoonlijk en zelfstandig warme of koude maaltijden bereidt die bestemd zijn om:

  • ter plaatse in inrichting te worden gebruikt.
  • op bestelling buiten de inrichting door hem te worden opgediend.

Bereiding betekent hier elke handeling waarbij een gerecht wordt:

  • klaargemaakt,
  • samengesteld,
  • geschikt,
  • opgewarmd,
  • ontdooid.

Uitzondering

Volgende activiteiten vallen niet onder de reglementering:

  1. de volgende lichte maaltijden voor zover ze alleen met brood worden opgediend:
    • soepen,
    • croques en toasten van allerlei aard,
    • kroketten, uitgezonderd aardappelkroketten,
    • vol-au-vents,
    • bloedworsten en witte worsten,
    • satés,
    • belegde broodjes, hamburgers, hotdogs, pita's en croissants,
    • deegwaren, pizza's, quiches of andere hartige taarten,
    • koude salades,
    • koude vleesschotels,
    • bereide eieren,
    • nagerechten, inzonderheid pannenkoeken, ijs, wafels, gebak, koeken, yoghurts en milkshakes.
  2. slagers-spekslagers, visverkopers, poeliers, wat betreft eigen bereidingen op basis van vlees, vis, wild en gevogelte,
  3. consumptiesalons van bakkers, banketbakkers, flensjesverkopers en ijsverkopers,
  4. frituren onderworpen aan de reglementering van de ambulante handel,
  5. de frituren voor wat betreft de bereiding in frituurvet of -olie van:
    • frieten van aardappelen,
    • gerechten die volledig klaar voor dergelijke bereiding worden ingekocht.

    Wordt niet beschouwd als bereiding:

    • het opdienen van sausen,
    • het opdienen van specerijen,
    • het snijden of toevoegen van:
      • uien of conserven van uien,
      • komkommers,
      • augurken,
      • conserven van mosselen,
      • koude gekookte worsten.

    De reglementering is niet van toepassing op volgende gerechten voor zover ze uitsluitend worden opgediend in een wegwerpverpakking van papier, karton of kunststof:

      • stoofvlees,
      • goulash,
      • gehaktballetjes in tomatensaus.
  6. hotelhouders wat betreft het ontbijt,
  7. rusthuizen,
  8. uitbaters van automaten,
  9. kleinhandelaars in algemene voedingswaren wat de verkoop van bereide gerechten betreft,
  10. logiesverstrekkende familiebedrijven en de eigenaars van gastenkamers die uitsluitend maaltijden verschaffen aan hun logerende gasten. In de zin van dit besluit moet worden verstaan onder:
    • logiesverstrekkend bedrijf met een familiaal karakter: een inrichting waar de ondernemer:
      • alleen werkt,
      • met zijn echtgenoot werkt,
      • met zijn bloed- of aanverwanten in de eerste of de tweede graad werkt,
      • met een loontrekkende werkt,
      • of met een meewerkende vennoot werkt.

      Het familiale karakter blijft behouden als één of twee bijkomende personen in dienst worden genomen gedurende maximaal twee maanden per jaar.

    • gastenkamer: één of meer gemeubileerde kamers die behoren tot de eigenlijke woning van de eigenaar en die voor een toeristisch doel worden verhuurd.

Hoe de sectorale beroepsbekwaamheid bewijzen?

De sectorale beroepsbekwaamheid kan op twee manieren bewezen worden:

  • een akte: artikel 5 van het koninklijk besluit van 13/6/1984 bepaalt welke akten in aanmerking komen. Voor akten die u niet onmiddellijk terugvindt, kunt u de diplo-databank raadplegen.
  • praktijkervaring: u moet binnen de laatste tien jaar een praktijk van vijf jaar bewijzen. De praktijk mag buiten de laatste tien jaar gestart zijn als:
    • de praktijk eindigt binnen de laatste tien jaar.
    • het om een ononderbroken periode van vijf jaar gaat.

Wie geen geldig diploma of onvoldoende praktijkervaring heeft, kan een examen afleggen bij de Centrale Examencommissie. Het examen handelt over de sectorale beroepsbekwaamheid vastgelegd in artikel 4 van het KB van 13/6/1984.

Lijst van erkende ondernemingsloketten

Wetgeving