FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie
Algemene Directie K.M.O.-Beleid
Dienst Ondernemingsloketten
WTC III, 13de verdieping
Simon Bolivarlaan 30
1000 Brussel
Tel.: 02 277 70 17
Fax: 02 277 53 63
Mail: ol@economie.fgov.be
Iedere handels- of ambachtsonderneming (zowel natuurlijk persoon als rechtspersoon) moet de basiskennis bedrijfsbeheer bewijzen bij de aanvraag tot inschrijving in de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO). Het is van geen belang of het gaat om een activiteit in hoofd- of bijberoep.
De basiskennis bedrijfsbeheer omvat noties van:
ondernemend denken en ondernemerscompetenties.
elementaire kennis van:
U vindt het volledige programma in art. 6 van het koninklijk besluit van 21/10/1998.
Het ondernemingsloket waar u de inschrijving in de KBO vraagt, moet nagaan of de onderneming aan de voorwaarden voldoet.
Volgende ondernemingen moet de basiskennis bedrijfsbeheer niet bewijzen:
de onderneming die geen kleine of middelgrote onderneming is in de zin van dekmo-programmawet van 10/02/1998,
de onderneming die geen handels- of ambachtsactiviteiten uitoefent,
de onderneming die een dienstverlenend intellectueel beroep uitoefent gereglementeerd door de kaderwet van 1 maart 1976 (bvb. de accountant, de vastgoedmakelaar, de fiscaal expert),
de onderneming die een activiteit uitoefent met eigen voorwaarden op het vlak van de basiskennis bedrijfsbeheer (bvb. de vervoerder van personen of goederen),
de onderneming voor directe verkoop,
de onderneming die als handels- of ambachtsonderneming was ingeschreven in de KBO op 1/1/1999,
de overnemer van een bestaande zaak (gedurende één jaar),
de overlevende echtgenoot van een overleden ondernemingshoofd,
de overlevende wettelijke samenwonende van een overleden ondernemingshoofd,
de overlevende partner van een overleden ondernemingshoofd die minstens zes maanden samenwoonde met dat overleden ondernemingshoofd,
de kinderen van het overleden ondernemingshoofd gedurende een periode van drie jaar,
ingeval van een vennootschap en voor zover hij/zij benoemd is tot verantwoordelijke voor het dagelijks bestuur:
De onderneming voldoet aan de vereiste zolang de natuurlijke persoon die de basiskennis bedrijfsbeheer bewijst, er actief blijft. Wanneer hij de onderneming verlaat, moet de onderneming haar situatie binnen de zes maand na dat vertrek regulariseren, bij een ondernemingsloket.
De basiskennis bedrijfsbeheer kan op twee manieren bewezen worden.
Een diploma of akte: artikel 7 vanhet koninklijk besluit van 21/10/1998 bepaalt welke akten in aanmerking komen. Voor akten die u daar niet terugvindt, kunt u de diplo-databank consulteren.
Voldoende praktijkervaring: enkel praktijk opgedaan in de laatste vijftien jaar in één van de volgende ondernemingen komt in aanmerking:
U moet volgend aantal jaren ervaring bewijzen:
Onderdanen van een lidstaat van de Europese Economische Ruimte (Europese Unie + Noorwegen, IJsland en Liechtenstein) of Zwitserland, kunnen de basiskennis bedrijfsbeheer ook bewijzen met een EG-verklaring. Dit is een verklaring uit het land van herkomst over de praktijkervaring en eventueel de schoolse opleiding van de betrokkene.
Wie geen geldig diploma of voldoende praktijkervaring heeft, kan het examen basiskennis bedrijfsbeheer afleggen bij de Centrale Examencommissie. Voor verdere informatie over de inhoud van de basiskennis bedrijfsbeheer, kunt u de syllabus basiskennis bedrijfsbeheer (PDF, 1.5 MB) raadplegen die u ook kunt gebruiken als voorbereiding op het examen.
Alleen een erkend ondernemingsloket is bevoegd en dat naar aanleiding van een aanvraag tot inschrijving als handels- of ambachtsonderneming in de KBO.
Wanneer het ondernemingsloket de aanvraag tot (wijziging van) de inschrijving weigert, kan de onderneming tegen die beslissing in beroep gaan bij de Vestigingsraad. Dat moet gebeuren binnen de dertig dagen na betekening van de weigeringsbeslissing door het loket.
Het inschrijvingsrecht bij het ondernemingsloket bedraagt 77 euro voor:
de inschrijving als handels- of ambachtsonderneming van een natuurlijke of rechtspersoon,
de inschrijving van een bijkomende vestigingseenheid (per vestigingseenheid),
de wijziging of de doorhaling (per vestigingseenheid).
De onderneming die in overtreding is, kan worden veroordeeld tot een geldboete, zelfs tot sluiting. Voor verdere informatie kunt u contact opnemen met de Algemene Directie Controle en Bemiddeling van de FOD Economie.