FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie
Contact Center
Vooruitgangstraat 50
1210 Brussel
Tel. (gratis nr.): 0800 120 33
Fax (gratis nr.): 0800 120 57
Stel je vraag via het online webformulier
FOF Economie, K.M.O., Middenstand en Energie
AD Energie - Afdeling Infrastructuur
North Gate III
Koning Albert II-laan 16
1000 Brussel
Tel.: 02 277 70 78
Fax: 02 277 52 05
E-mail: gaselec@economie.fgov.be
Het koninklijk besluit van 3 juli 1992 zorgt voor de omzetting in Belgisch recht van de richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 29 juni 1990 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake gastoestellen (Europese richtlijn 90/396/EEG). Dat besluit bepaalt de voorwaarden voor het op de markt brengen van gastoestellen. Het is van toepassing op alle producten die bestemd zijn om op de markt te worden gebracht (of te worden gebruikt) op het grondgebied van de gemeenschap en die vallen onder het toepassingsgebied waarvan verder sprake is. Het is eveneens van toepassing zowel op nieuwe producten als op producten die in die mate zijn aangepast dat zij een invloed kunnen hebben op de veiligheid van mensen, goederen en dieren. Naast de bepalingen van het KB van 3 juli 1992 moeten de gastoestellen ook beantwoorden aan alle regels en richtlijnen die voor hen van toepassing zijn (bij voorbeeld de Laagspanningsrichtlijn en de richtlijn elektromagnetische compatibiliteit).
Het KB van 3 juli 1992 dat zorgt voor de omzetting van de Europese richtlijn 90/396/EEG is van toepassing op:
De toestellen specifiek bestemd voor het gebruik in industriële processen in industriële bedrijven zijn uitgesloten van de werkingssfeer van het eerste lid.
Betrokken toestellen en toebehoren mogen enkel op de markt worden gebracht en in gebruik worden genomen indien zij voldoen aan de bepalingen van het KB van 3 juli 1992. Dat betekent dat zij moeten beantwoorden aan:
De toestellen en toebehoren worden geacht te voldoen aan de fundamentele veiligheidsvoorschriften van richtlijn 90/396/CEE wanneer zij beantwoorden aan:
De inbreuken op de bepalingen van het KB van 3 juli 1992 worden opgespoord, vastgesteld en bestraft in overeenstemming met de bepalingen van de wet van 9 februari 1994 betreffende de veiligheid van producten en diensten.