FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie
Contact Center
Vooruitgangstraat 50
1210 Brussel
Tel. (gratis nr.): 0800 120 33
Fax (gratis nr.): 0800 120 57
E-mail: info.eco@economie.fgov.be
De wet van 1 september 2004 legt aan de professionele verkoper een wettelijke garantieplicht op bij de verkoop van consumptiegoederen aan een consument die voor privédoeleinden koopt.
Volgens deze wet is de eindverkoper aansprakelijk voor elk gebrek aan overeenstemming dat bestaat bij de levering van de goederen en dat zich manifesteert binnen een termijn van twee jaar te rekenen vanaf voornoemde levering. Deze termijn kan voor tweedehandsgoederen contractueel worden beperkt tot minimum 1 jaar.
ofwel door het product te herstellen of te vervangen, zonder kosten voor de consument, tenzij het onmogelijk of buiten verhouding is. De herstelling of vervanging moet dus redelijk zijn ten aanzien van bijvoorbeeld de waarde van het goed of de ernst van het gebrek.
Bijvoorbeeld: een verkoper kan weigeren om een zetel te vervangen waarvan het stiksel een gebrek vertoont en eerder voorstellen om hem te herstellen.
Vervanging van de zetel bij een gebrek in het stiksel lijkt inderdaad niet in verhouding. Voor de verkoper zijn de kosten hiervan te hoog ten opzichte van de herstelling ervan.
Ofwel door de prijs te verlagen of door de overeenkomst te beëindigen (terugbetaling van de verkoopprijs), wanneer herstelling of vervanging onmogelijk of buiten verhouding is of niet kan uitgevoerd worden binnen een redelijke termijn en zonder enige overlast voor de consument. De consument heeft niet het recht om bij een gebrek van geringe betekenis ontbinding van de overeenkomst te eisen.
Voorbeeld: de verkoper heeft herhaaldelijk een defect strijkijzer binnengebracht voor herstelling van hetzelfde probleem. Na verloop van 3 maanden werkt het strijkijzer nog altijd niet. De verkoper weigert om het te vervangen omdat het niet meer wordt gefabriceerd.
In dat geval kan de consument terugbetaling eisen.
Wanneer de herstellingen de consument ernstige overlast bezorgen (heen en weer geloop) of niet binnen een redelijke termijn worden verricht (meer dan 3 maanden wachttijd), kan indien vervanging onmogelijk is terugbetaling van de verkoopprijs worden geëist.
Een redelijke termijn dient te worden getoetst aan het product in kwestie, aan de aard en de ernst van het probleem en aan de praktijken van de betrokken sector. De verkoper moet blijk geven van professionele toegewijdheid, actief zijn en informeren bij het herstelcenter.
Bij terugbetaling kan de verkoper rekening houden met het gebruik dat de consument van het goed heeft gehad sinds de levering.
U moet de consument in het bijzonder informeren over de verkoopvoorwaarden. Hiertoe behoren het recht van de consument op de wettelijke garantie en het eventuele recht op de commerciële garantie.
Deze informatie vloeit voort uit de bepalingen van artikel 4 van de wet van 6 april 2010 betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming.
Wanneer u de (eind) verkoper bent bij wie de consument zijn aankoop verricht heeft, dient u aan het gebrek aan overeenstemming tegemoet te komen op basis van de wettelijke bepalingen betreffende de wettelijke waarborg van de consument.
U kunt de consument niet verplichten om zich tot de fabrikant te wenden om de wettelijke waarborg te regelen. Dit gezegd zijnde kunt u de fabrikant zelf raadplegen om inlichtingen in te winnen over de technische mogelijkheid tot herstelling of over de evenredigheid van een wijze van herstelling ten opzichte van de andere.
Bij de verkoop mag u geen enkele betaling aan de consument vragen om van het voordeel van de wettelijke garantie te kunnen genieten. Een dergelijke praktijk is in strijd met de wet.
U mag de consument geen kosten aanrekenen (verzendingskosten, kosten verbonden aan het werk en aan het materiaal dat door de hersteller gebruikt wordt, bestekkosten, enz.) om een defect goed dat gedekt is door een wettelijke waarborg in overeenstemming te brengen (herstelling, vervanging).
U mag de wettelijke waarborg voor een goed dat niet in overeenstemming is niet weigeren wanneer de consument niet meer over de oorspronkelijke verpakking beschikt. Een dergelijke opheffing van de garantie is in strijd met de wet.
Elk contractueel beding betreffende de opheffing of vermindering van de wettelijke garantie vormt een onrechtmatig beding dat verboden en nietig is volgens artikel 1649octies van het Burgerlijk Wetboek en artikel 74, 14° van de wet van 6 april 2010 betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming.
Niets belet u echter om uw klanten aan te raden de oorspronkelijke verpakking te bewaren teneinde het defect goed dat ze u zouden doen toekomen om het in overeenstemming te brengen, zo goed mogelijk te beschermen.
Het toepassingsgebied van de wet betreffende de wettelijke garantie dekt het consumptiegoed, de hulpstukken inbegrepen (zoals de gsm-batterij, telefoonaccessoires, de derailleur van een fiets, enz…).
Wanneer de herstelling van een defect goed te duur is ten opzichte van de waarde van het goed en het defecte goed niet kan vervangen worden omdat het niet meer gefabriceerd wordt of beschikbaar is, moet u de terugbetaling uitvoeren en hierbij eventueel rekening houden met een korting als gevolg van het gebruik van het goed door de consument.
U kunt de consument niet verplichten om een aankoopbon als vergoeding te aanvaarden.
Nieuwe goederen of tweedehandsgoederen die u aan consumenten buiten of tijdens de soldenperioden verkoopt zijn door de wet gedekt tegen gebreken van overeenstemming.
De fabrikant, de invoerder of uzelf (eindverkoper), kunnen de consument een commerciële garantie verlenen.
Deze garantie moet vermelden dat de consument wettelijke rechten (wettelijke garantie) heeft en dat de commerciële garantie deze wettelijke rechten onverlet laat.
Ze kan de wettelijke garantie van de consument dus niet verminderen maar moet ten aanzien van de wettelijke garantie één of meer bijkomende voordelen bieden (zoals verlenging van de garantieperiode tot meer dan twee jaar of de consument gedurende de herstelling een vervangingsproduct ter beschikking stellen).
De consument een aanvullende garantie (gratis of betalend) voorstellen, behoort tot de contractuele vrijheid. Ze moet een minimum vermeldingen bevatten: de inhoud van de garantie en de noodzakelijke gegevens voor de toepassing ervan (duur, geografisch toepassingsgebied, adres van de garant).
De aanvullende garantie mag de wettelijke rechten van de consument op de wettelijke garantie van 2 jaar echter alleen verlengen of verhogen. In het tegengestelde geval vormt zij een onwettelijke praktijk.
Tijdens de herstelling of de vervanging van het defecte goed wordt de garantietermijn opgeheven waarna hij weer normaal begint te lopen.
De periode van 2 jaar wordt dus verlengd met de duur die vereist is om het defect goed in overeenstemming te brengen. Hetzelfde geldt voor de duur van de onderhandelingen gehouden met de consument met het oog op een minnelijke schikking.
Bij het verstrijken van de 2 jaar wettelijke garantie is het oude systeem van de verborgen gebreken opnieuw van toepassing (art. 1641 en volgende van het Burgerlijk Wetboek).
Om verborgen gebreken te kunnen inroepen, moet de koper bewijzen dat er een gebrek was op het moment van de verkoop. De oplossingen die de klant dan heeft, zijn beperkter dan het wettelijke garantiesysteem. Hij kan enkel een prijsverlaging of een ontbinding van de verkoopovereenkomst eisen behalve als de commerciële garantie altijd toepasselijk is en andere herstellingswijzen voorstelt.
U kunt een vordering tot beroep tegen uw eigen verkoper of elke andere verkoper in de commerciële keten instellen maar deze vordering kan slechts binnen de perken van de door de fabrikant of vorige verkoper verleende waarborg worden ingesteld.
De vordering tot beroep die u tegen de fabrikant of de vorige verkoper kunt instellen heeft als doel u de mogelijkheid te bieden het als garantie betaalde bedrag te recupereren.
Dit beroep heeft plaats volgens de regels van het gemene recht van de verkoop en meer in het bijzonder, van de garantie voor verborgen gebreken bepaald in de artikelen 1641 tot 1649 van het Burgerlijk Wetboek.