De beroepskaart voor vreemdelingen

  • U wenst een zelfstandige beroepsactiviteit uit te oefenen op het Belgische grondgebied?
  • U wenst zich te vestigen als natuurlijk persoon of als mandataris van een vennootschap of een vereniging (bezoldigd of onbezoldigd mandaat)?
  • U heeft niet de Belgische nationaliteit?
  • U heeft noch de nationaliteit van één van de lidstaten van de Europese Economische Ruimte (Europese Unie, Noorwegen, IJsland en Liechtenstein) noch de Zwitserse nationaliteit?

Indien u al deze vragen bevestigend beantwoordt hebt, moet u over een beroepskaart te beschikken (met niettemin bepaalde uitzonderingen).

De beroepskaart voor vreemdelingen is een machtiging die de vreemdelingen toelaat om in België zelfstandige activiteiten uit te oefenen.

Deze rubriek laat u de beroepskaart ontdekken en

  • legt u de verschillende stappen uit die u moet vervullen;
  • informeert u over
    • de doelstellingen van de wetgeving,
    • de procedure voor het indienen van een aanvraag tot het verkrijgen van een beroepskaart en het onderzoek van uw dossier maar ook over
    • de verplichtingen na verkrijging van de beroepskaart;
  • laat u inzien waarom de administratie bepaalde inlichtingen nodig heeft om uw dossier zo snel mogelijk te kunnen behandelen;
  • richt zich ook tot hen die over een beroepskaart beschikken en deze wensen te wijzigen of te hernieuwen.

Aarzel niet om ons te raadplegen of ons uw opmerkingen en suggesties mee te delen!

1. Wat is de beroepskaart?

2. Wat is het doel van de wetgeving over de beroepskaart?

3. Welke zijn de criteria tot toekenning van een beroepskaart?

4. Waar uw aanvraag tot het verkrijgen van een beroepskaart indienen?

5. Hoe uw aanvraag indienen?

6. Mag u na een weigering een nieuwe aanvraag indienen?

7. Wat is de onderzoeksprocedure bij een aanvraag van een beroepskaart?

8. Wat zijn de middelen tot beroep tegen een beslissing tot weigering van een beroepskaart?

9. Wat is de geldigheidsduur van uw beroepskaart?

10. Hoeveel kost een beroepskaart?

11. Wat zijn de overige te vervullen voorwaarden voor u uw activiteit mag uitoefenen?

12. Hoe verlopen de contacten tussen u en de administratieve diensten?

13. Tot wie kunt u zich wenden voor bijkomende informatie?

14. Wie is vrijgesteld van de beroepskaart?

1. Wat is de beroepskaart?

Dit is een verplichte machtiging indien u:

  • de Belgische nationaliteit niet bezit, of
  • niet de nationaliteit bezit van één van de lidstaten van de Europese Economische Ruimte (Europese Unie, Noorwegen, IJsland en Liechtenstein), of
  • niet de Zwitserse nationaliteit heeft, of
  • niet van deze formaliteit vrijgesteld bent omwille van andere redenen, en
  • op het Belgische grondgebied een zelfstandige beroepsactiviteit wenst uit te oefenen in de hoedanigheid van natuurlijk persoon of als mandataris, al dan niet bezoldigd, van een vennootschap of vereniging.

2. Wat is het doel van de wetgeving over de beroepskaart?

Deze wetgeving is erop gericht een evenwicht te vinden tussen enerzijds de verwachtingen van de vreemdelingen die in België een zelfstandige activiteit wensen uit te oefenen en anderzijds de economische, sociale en culturele belangen van het land.

3. Welke zijn de criteria tot toekenning van een beroepskaart?

Er zijn drie criteria:

  • het recht op verblijf; indien u over geen verblijfsvergunning beschikt, moet u deze aanvragen bij de diplomatieke of consulaire post op hetzelfde ogenblik als de aanvraag van de beroepskaart;
  • het naleven van de reglementaire verplichtingen, in het bijzonder deze die betrekking hebben op de activiteit;
  • het belang van het project voor België; dit belang wordt beoordeeld in termen van economisch nut, zijnde: het beantwoorden aan een economische behoefte, het scheppen van werkgelegenheid, nuttige investeringen, de economische weerslag op de ondernemingen in België, het bevorderen van de export, vernieuwende of gespecialiseerde activiteit.

Er kan ook een beoordeling gemaakt worden in termen van sociaal, cultureel, artistiek of sportief nut.

4. Waar uw aanvraag tot het verkrijgen van een beroepskaart indienen?

U moet uw aanvraag tot het verkrijgen van een beroepskaart indienen bij:

  • de Belgische diplomatieke of consulaire post van uw land van verblijf, indien u in het buitenland leeft;
  • een erkend ondernemingsloket naar keuze indien u beschikt over een geldig “attest van immatriculatie model A” of een “bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister”.

Op deze regel is er één uitzondering:

Indien u om veiligheidsredenen uw aanvraag niet uw land van verblijf kunt indienen, kunt u uw aanvraag indienen hetzij bij een Belgische diplomatieke of consulaire post in een ander land hetzij bij een ondernemingsloket.

Deze laatste mogelijkheid vereist het voorafgaandelijk akkoord van de ministers van Middenstand en van Binnenlandse Zaken. Zij moet aangevraagd worden bij de minister van Middenstand en gemotiveerd en vergezeld zijn van elke bewijsstuk dat uw situatie bevestigt.

5. Hoe uw aanvraag indienen?

U dient uw aanvraag in met één van de twee aanvraagformulieren die behoorlijk ingevuld, gedateerd en ondertekend moeten zijn.

De aanvraag moet alle vereiste documenten bevatten evenals alle stukken die u nuttig acht voor het onderzoek van uw dossier.

Het formulier moet eveneens het bewijs dragen van de kwijting van het recht verbonden aan de ingediende aanvraag.

6. Mag u na een weigering een nieuwe aanvraag indienen?

Na een weigering mag u na een periode van twee jaar, te rekenen vanaf de datum van het indienen van de vorige aanvraag, een nieuwe aanvraag indienen.

Dit verbod is niet van toepassing:

  • indien de weigering het gevolg is van een beslissing van niet-ontvankelijkheid;
  • indien u nieuwe elementen kunt aanbrengen;
  • indien uw aanvraag een nieuwe activiteit betreft.

7. Wat is de onderzoeksprocedure bij een aanvraag van een beroepskaart?

  1. De diplomatieke of consulaire post of het ondernemingsloket die uw aanvraag ontvangt, maakt deze binnen de vijf dagen na ontvangst over aan de Dienst Economische Vergunningen.

  2. De Dienst Economische Vergunningen gaat na of uw aanvraag ingediend werd volgens de regels omschreven in de punten 4 en 5.

    • Indien dit niet het geval is, wordt uw aanvraag het voorwerp van een beslissing van niet-ontvankelijkheid die u betekend wordt via de diplomatieke of consulaire post of het ondernemingsloket die uw aanvraag ontvangen heeft.
    • Indien de regels gerespecteerd werden, gaat de Dienst Economische Vergunningen over tot het onderzoek van uw aanvraag.
  3. Het onderzoek berust op de drie criteria hierboven opgesomd:
    • Het recht op verblijf
    • De beslissing aangaande deze materie behoort tot de bevoegdheid van de Dienst Vreemdelingenzaken die geraadpleegd wordt zeker indien u niet gemachtigd bent om in België te verblijven;

    • Het naleven van de reglementaire verplichtingen
    • De Dienst Economische Vergunningen gaat na of u en/of uw vennootschap beschikt over de vereiste toegangen tot de geplande activiteit en of u voldoet aan de andere voorwaarden eigen aan uw statuut.

      Gezien er zich vele diverse situaties kunnen voordoen, is het aan te raden om hiervoor contact op te nemen met de Dienst Economische Vergunningen of met een ondernemingsloket. Indien u of uw vennootschap niet beschikt over een toegang tot de activiteit, moet u in dit stadium van de procedure steeds contact opnemen met een ondernemingsloket.

    • Het nut van het project

      De dienst verzamelt alle informatie nodig om dit criterium te onderzoeken:

      • gedetailleerde omschrijving van het project;
      • bekwaamheid en ervaring van de aanvrager;
      • financiële mogelijkheden;
      • marktonderzoek;
      • financiële analyse;
      • contacten met handelspartners;
      • ontwerp van contracten;
      • statuten van de vennootschap of ontwerp van statuten;
      • enz.

    Kortom alle elementen die een beoordeling van het nut van het project voor België toelaten.

  4. De beslissing

8. Wat zijn de middelen tot beroep tegen een beslissing tot weigering van een beroepskaart?

Indien u de beroepskaart geweigerd wordt, kunt u een beroep indienen bij de minister van Middenstand.

U dient dit beroep in binnen een termijn van dertig dagen, welke aanvangt vanaf de dag die volgt op de datum van de notificatie van de beslissing, zijnde de dag die volgt op de datum van uw kennisname van de beslissing.

De minister wendt zich onverwijld tot de Raad voor Economisch Onderzoek inzake Vreemdelingen en vraagt zijn advies. Dit advies moet binnen de vier maanden uitgebracht worden.

De Raad is een orgaan onafhankelijk van de administratie. Hij wordt voorgezeten door een magistraat of een advocaat en is samengesteld uit ambtenaren die de verschillende departementen, betrokken bij deze materie, vertegenwoordigen. De Raad kan alle informatie, nuttig voor het onderzoek van het dossier opvragen.

De Raad nodigt u uit om uw belangen tijdens een hoorzitting te verdedigen.

U mag zich laten bijstaan door een persoon naar keuze. Indien u echter niet aanwezig kunt zijn, kunt u zich enkel door een advocaat laten vertegenwoordigen. Indien het voor u onmogelijk is om aan de oproeping gevolg te geven, kunt u een verdaging van de hoorzitting verkrijgen.

De Raad deelt zijn advies gelijktijdig aan u en aan de minister mee. Bij gebrek aan een advies binnen de vooropgestelde termijn beslist de minister alleen.

De minister beschikt over twee maanden, vanaf de ontvangst van het advies van de Raad of het verstrijken van vier maanden indien er geen advies werd gegeven tijdens deze termijn, om een beslissing te nemen.

Indien de minister binnen de twee maanden geen beslissing neemt, geldt het advies van de Raad als beslissing.

Bij gebrek aan advies van de Raad en een beslissing van de minister binnen de vooropgestelde termijnen wordt het beroep verworpen.

De beslissing wordt u onmiddellijk betekend. U kunt tegen deze beslissing beroep aantekenen bij de Raad van State binnen de zestig dagen die volgen op de dag volgend op de datum waarop u er kennis van nam.

9. Wat is de geldigheidsduur van een beroepskaart?

De beroepskaart wordt u toegekend voor een periode van maximum vijf jaar.

Algemeen wordt een eerste kaart voor een proefperiode van twee jaar verleend.

Bij haar verval kan ze hernieuwd worden indien u voldaan heeft aan uw reglementaire, fiscale en sociale verplichtingen alsook aan het criterium economisch nut die de toekenning van de machtiging onderbouwde.

U moet de aanvraag tot hernieuwing minstens drie maanden voor de vervaldatum indienen door bemiddeling van het gekozen ondernemingsloket.

De kaart wordt afgeleverd voor één of meerdere specifieke activiteiten, vermeld op de machtiging. Elke wijziging of toevoeging van een activiteit vereist bijgevolg het voorafgaand verkrijgen van een nieuwe machtiging. Zo ook vereist elke wijziging van één van de gegevens vermeld op de machtiging, een wijziging ervan.

Ook deze aanpassingen kunt u aanvragen bij de Dienst Economische Vergunningen, via het door u gekozen ondernemingsloket. Hetzelfde geldt uiteraard wanneer u uw beroepskaart verliest of deze vernietigd is. In voorkomend geval moet de aanvraag vergezeld zijn van een verklaring op eer van verlies of vernietiging.

De geldigheid van de beroepskaart is verbonden aan het recht op verblijf. Indien er aan dit recht een einde komt, is de beroepskaart niet meer bruikbaar en moet deze aan het ondernemingsloket terugbezorgd worden.

10. Hoeveel kost een beroepskaart?

  • De aanvraag van een eerste beroepskaart, haar wijziging, vervanging of hernieuwing: 140 euro.
  • De afgifte van deze beroepskaart of van een hernieuwing via een ondernemingsloket : 90 euro per geldig jaar.
  • Geen enkel recht is verschuldigd bij de aflevering van een gewijzigde of vervangen kaart.  

11. Wat zijn de overige te vervullen voorwaarden voor u uw activiteit mag uitoefenen?

Indien u uw activiteit voor eigen rekening uitoefent, moet u zich, bij ontvangst van de beroepskaart, bij een ondernemingsloket aanbieden om:

  • uw ondernemingsnummer te verkrijgen;
  • u te laten inschrijven in de Kruispuntbank van Ondernemingen.

Indien uw activiteit dit vereist, moet u zich vervolgens:

  • inschrijven bij de btw;
  • aansluiten bij een sociaal verzekeringsfonds voor zelfstandigen.

Indien u als bestuurder verantwoordelijk bent voor het dagelijks bestuur van de vennootschap moet u:

  • via het ondernemingsloket uw beroepskaart laten inschrijven in de Kruispuntbank van Ondernemingen;
  • zich vervolgens inschrijven bij een sociaal verzekeringsfonds voor zelfstandigen.

Indien u bestuurder of vennoot bent, volstaat het om u bij een sociaal verzekeringsfonds voor zelfstandigen in te schrijven.

Het oprichten van een vennootschap in België gebeurt door het neerleggen van statuten bij de griffie van de rechtbank van koophandel van de plaats waar de maatschappelijke zetel gevestigd is.

De vennootschap wordt dan ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen en ontvangt haar ondernemingsnummer.

Indien de vennootschap ook een handelsactiviteit uitoefent moet zij:

  • haar toegang tot het beroep verkrijgen bij een ondernemingsloket;
  • haar activiteiten laten registreren bij een ondernemingsloket;
  • zich inschrijven bij de btw.

Indien zij personeel tewerkstelt, moet ze zich inschrijven bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid.

12. Hoe verlopen de contacten tussen u en de administratieve diensten?

U kunt uw aanvragen tot het verkrijgen van een beroepskaart, hun wijziging, hun hernieuwing of hun vervanging indienen via de diplomatieke of consulaire post of via een ondernemingsloket van uw keuze met één van beide aanvraagformulieren.

De afgifte van de beroepskaart gebeurt via het ondernemingsloket en de beslissing tot weigering geschiedt naargelang het geval via de diplomatieke of consulaire post of via het ondernemingsloket.

De oproepingen voor de Raad voor Economisch Onderzoek inzake Vreemdelingen gebeuren via de post, met bericht van ontvangst, op het door u meegedeelde adres. Hetzelfde geldt voor de kennisgeving van het advies van de Raad.

Alle andere contacten gebeuren volgens uw keuze via briefwisseling per post, per fax of per e-mail. U moet wel uw keuze schriftelijk meedelen ofwel op het aanvraagformulier ofwel via andere briefwisseling.

U kunt ook handelen met de administratie via een mandataris, een advocaat of een derde die u hiertoe uitdrukkelijk aangesteld hebt.

Voor de Raad voor Economisch Onderzoek inzake Vreemdelingen kunt u zich enkel laten vertegenwoordigen door een advocaat.

U kunt eveneens uw dossier raadplegen bij de Dienst Economische Vergunningen of ter griffie van de Raad voor Economisch Onderzoek en er een afschrift van krijgen.

U kunt er ook uw mandataris mee gelasten.

13. Tot wie zich te wenden voor bijkomende informatie?

FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie
Algemene Directie K.M.O.-beleid
Dienst Economische Vergunningen

WTC III, 12de verdieping
Simon Bolivarlaan 30
1000 Brussel

Tel.: 02 277 77 25
Fax: 02 277 53 66
E-mail: professionalcard@economie.fgov.be

Ter plaatse, na afspraak, elke werkdag van 9 tot 16 uur of in geval van onmogelijkheid tijdens deze uren op dinsdag en vrijdag tot 20 uur.

 

Griffie van de Raad voor Economisch Onderzoek inzake Vreemdelingen

WTC III, 13de verdieping
Simon Bolivarlaan 30
1000 Brussel

Tel.: 02 277 69 65
Fax: 02 277 53 63
E-mail: reov@economie.fgov.be

Ter plaatse, na afspraak, elke werkdag van 9 tot 16 uur of in geval van onmogelijkheid tijdens deze uren op dinsdag en vrijdag tot 20 uur.

 

Dienst Buitenlandse Investeringen

City Atrium C
Vooruitgangstraat 50
1210 Brussel

Tel.: 02 277 78 08
Fax: 02 277 53 06
E-mail: invest.belgium@economie.fgov.be

 

Bij een erkend ondernemingsloket

 

Dienst Vreemdelingenzaken

WTC II
Antwerpsesteenweg 59b
1000 Brussel

Tel.: 02 793 80 00

 

Raad van State

Wetenschapsstraat 33
1040 Brussel

Tel.: 02 234 96 11

14. Wie is vrijgesteld van een beroepskaart?

Bepaalde categorieën vreemdelingen zijn vrijgesteld van de verplichting houder te zijn van een beroepskaart, hetzij wegens de aard van de activiteit, hetzij wegens de aard van het recht tot verblijf, hetzij wegens de uitvoering van internationale verdragen. Hierbij de lijst:

  • de vreemdelingen die titularis zijn van een geldige identiteitskaart voor vreemdelingen of van een geldige BIVR (bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister) voor onbeperkte duur;
  • de onderdanen van een lidstaat van de Europese Economische Ruimte (lidstaten van de Europese Unie, Noorwegen, IJsland en Liechtenstein), en, mits zij zich met hen vestigen:
    1. hun echtgenoot;
    2. hun bloedverwanten in dalende lijn, of die van hun echtgenoot, beneden 21 jaar of die te hunnen laste zijn;
    3. hun bloedverwanten in opgaande lijn of die van hun echtgenoot, die hen ten laste zijn met uitzondering van de bloedverwanten in opgaande lijn van een student of die van zijn echtgenoot;
    4. de echtgenoot van de personen in 2) en 3);
  • de echtgenoot van een Belg en, mits zij zich met hem vestigen:
    1. zijn bloedverwanten in dalende lijn of die van zijn echtgenoot, onder de 21 jaar of die hen ten laste zijn;
    2. zijn bloedverwanten in opgaande lijn of die van zijn echtgenoot, te hunnen laste;
    3. de echtgenoot van de personen in 1) en 2);
  • de door België erkende vluchtelingen;
  • de echtgenoten die hun echtgenoot of echtgenote bijstaan of vervangen bij de uitoefening van hun zelfstandige beroepsactiviteit;
  • de vreemdelingen die zakenreizen ondernemen, voor zover de duur van het verblijf, nodig voor de reis, geen drie opeenvolgende maanden overschrijdt. Onder zakenreizen moet verstaan worden: de verplaatsingen gedaan in België, door een vreemdeling die hier geen hoofdverblijfplaats heeft, voor eigen rekening of voor rekening van zijn vennootschap, en met als doel:
    • professionele partners te bezoeken;
    • professionele contacten te onderzoeken en te ontwikkelen;
    • te onderhandelen over en het afsluiten van contracten;
    • deel te nemen aan salons, beurzen en tentoonstellingen om er zijn producten of deze van zijn vennootschap voor te stellen of te verkopen;
    • deel te nemen aan de raden van bestuur of algemene vergaderingen van vennootschappen;
  • de vreemdelingen, die geen hoofdverblijfplaats hebben in België en die hier conferenties geven, voor zover de duur van het verblijf, nodig voor hun prestaties, geen drie opeenvolgende maanden overschrijdt;
  • de buitenlandse journalisten, die geen hoofdverblijfplaats hebben in België en er prestaties verrichten in het kader van hun beroep, voor zover de duur van het verblijf, nodig voor deze activiteiten, geen drie opeenvolgende maanden overschrijdt;
  • de buitenlandse sportlui evenals, in voorkomend geval, hun buitenlandse zelfstandige begeleiders, die geen hoofdverblijfplaats in België hebben en die hier prestaties verrichten in het kader van hun respectievelijk beroep, voor zover de duur van het verblijf, nodig voor deze activiteiten, geen drie opeenvolgende maanden overschrijdt;
  • de buitenlandse artiesten evenals, in voorkomend geval, hun buitenlandse zelfstandige begeleiders, die geen hoofdverblijfplaats hebben in België en die hier prestaties verrichten in het kader van hun respectievelijk beroep, voor zover de duur van het verblijf, nodig voor deze activiteiten, geen drie opeenvolgende maanden overschrijdt;
  • de buitenlandse studenten, gemachtigd om in België te verblijven, die hier een stage verrichten in het kader van hun studies, voor de duur van hun stage;
  • de vreemdelingen die in België een stage verrichten die werd goedgekeurd door de bevoegde overheid in het kader van ontwikkelingssamenwerking of van uitwisselingsprogramma’s gebaseerd op wederkerigheid, voor de duur van hun stage;
  • de vreemdelingen ingeschreven op het tableau van de orde van advocaten of op de lijst van de stagiairs in toepassing van het koninklijk besluit van 24 augustus 1970 tot invoering van de afwijking van de voorwaarde van nationaliteit gesteld bij artikel 428 van het Gerechtelijk Wetboek betreffende de titel en de uitoefening van het beroep van advocaat;
  • het zelfstandige kaderpersoneel en de zelfstandige vorsers in dienst van coördinatiecentra bedoeld in het koninklijk besluit nr. 187 van 30 december 1982 betreffende de oprichting van coördinatiecentra.

Wetgeving

6e

Deze materie behoort tot de bevoegdheden die door de zesde staatshervorming op 1 juli 2014 naar de gemeenschappen, gewesten of gemeenschapscommissies overgedragen worden.

De bestaande regelgeving blijft van kracht tot een gemeenschap of een gewest over wijzigingen of nieuwe regels beslist.

Overzicht van de geregionaliseerde bevoegdheden

Dienst Economische Vergunningen

FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie
Algemene Directie K.M.O.-beleid
Dienst Economische Vergunningen

North Gate, 4de verdieping
Koning Albert II-laan 16
1000 Brussel

Tel.: +32 2 277 77 23 
Fax: +32 2 277 97 63
E-mail: professionalcard@economie.fgov.be