Belgisch octrooi

De Belgische verleningsprocedure is relatief eenvoudig omdat het octrooi verleend wordt ongeacht het resultaat van het onderzoek van de octrooieerbaarheidsvoorwaarden. Wel voert het Europees Octrooibureau een nieuwheidsonderzoek uit, maar de resultaten hiervan zijn niet bepalend voor het al of niet toekennen van een Belgisch octrooi. Dit nieuwheidsonderzoek gaat vergezeld van een schriftelijke opinie over de octrooieerbaarheid van de uitvinding welke, ter informatie van de aanvrager wordt gegeven en toegankelijk is voor derden in het octrooidossier dat ter consultatie aan het publiek wordt voorgelegd. De aanvrager heeft echter de mogelijkheid om zijn octrooiaanvraag te wijzigen in functie van de resultaten van het onderzoeksrapport en van de schriftelijke opinie. Hij kan ook schriftelijke commentaar neerleggen betreffende de schriftelijke opinie zodat zijn opmerkingen over bepaalde problemen met betrekking tot de octrooibaarheid van zijn uitvinding die in de schriftelijke opinie zouden worden aangehaald, in het octrooidossier worden weergegeven.

Het verlenen van een schriftelijke opinie tijdens de verleningsprocedure laat de aanvrager toe zich een precies beeld te vormen van de kwaliteit van zijn aanvraag en van het risico op nietigverklaring van zijn octrooi wanneer hij besluit om de procedure verder te zetten. Derden kunnen ook de concrete meerwaarde beoordelen die het octrooi oplevert voor het domein van de techniek waarop de uitvinding betrekking heeft en kunnen beoordelen of hun activiteiten mogelijk inbreuk maken op de bescherming die verleend wordt bij de verlening van het octrooi. Wanneer de geldigheid van het octrooi later betwist wordt, dan is het aan de rechter om te oordelen.

Wanneer u van plan bent uw uitvinding enkel op het Belgische grondgebied te exploiteren, dan is het aan te raden om voor de indiening van een Belgisch octrooi te kiezen. 

Deze weg heeft overigens andere voordelen. Men kan de Belgische octrooiaanvraag gebruiken als ‘eerste depot’ op basis waarvan het mogelijk is een recht van voorrang van 12 maanden in te roepen om later een octrooiaanvraag in andere landen in te dienen. Zie recht van voorrang.

Indienen aanvraag

Waar en hoe?

Om een octrooi aan te vragen, dient u het aanvraagformulier (PDF, 64.6 Kb) in bij de Dienst voor de Intellectuele Eigendom (DIE) (formulier in het Duits (PDF, 70.21 Kb)). De aanvraag kan ook, via elektronische wegExterne link, in een beveiligde omgeving, worden ingediend.

Het aanvraagformulier kan per brief, in persoon of per fax (waarna binnen de 14 dagen een originele versie ter bevestiging bij de Dienst moet toekomen) worden ingediend. Voor alle informatie over het indienen per brief of in persoon, gelieve de “contactpagina” te raadplegen.

U kunt zich laten vertegenwoordigen door een expert (zie de lijst van erkende octrooigemachtigden).

De inhoud van de Belgische octrooiaanvraag en de toekenning van een indieningsdatum

De datum waarop de DIE de octrooiaanvraag ontvangt, wordt vastgesteld in een proces-verbaal en geldt als indieningsdatum. Een indieningsdatum kan worden toegekend als de volgende informatie aan de DIE werd doorgegeven:

  • een expliciete of impliciete aanduiding dat de onderdelen als een aanvraag zijn bedoeld;

  • gegevens waarmee de identiteit van de aanvrager kan worden vastgesteld en die de DIE in staat stellen om met de indiener in contact te treden;

  • een deel dat op het eerste gezicht een beschrijving van de uitvinding lijkt te zijn waarvoor octrooibescherming wordt aangevraagd.

De datum van indiening is bepalend voor de beoordeling van de nieuwheid, en dus ook om de voorrang tussen verschillende octrooiaanvragen te beoordelen. Zowel voor Belgische als voor Europese octrooien geldt immers het first-to-file principe, wat inhoudt dat de eerste aanvrager rechthebbende is op een octrooi, ook al heeft hij niet als eerste de betreffende uitvinding gedaan.

Na de toekenning van een indieningsdatum moet de aanvraag de volgende gegevens bevatten:

  • een tot de bevoegde minister gericht aanvraagformulier tot verlening van een octrooi;
  • gegevens waaruit de identiteit van de aanvrager blijkt;
  • een beschrijving van de uitvinding;
    De uitvinding moet in de octrooiaanvraag zodanig duidelijk en volledig worden beschreven dat zij door een deskundige in hetzelfde domein van de techniek kan worden toegepast.
  • een of meerdere conclusies;
    Deze beschrijven het onderwerp waarvoor bescherming wordt gevraagd. Hoewel de beschrijving en eventuele tekeningen dienen ter interpretatie van de conclusies, zijn het enkel deze laatste die de beschermingsomvang van een octrooi bepalen.
    Formuleert men de conclusies te beperkend, dan zal het toegekende octrooi restrictief zijn en kan hieraan later niet meer worden verholpen. Een slechte redactie van de conclusies kan dus leiden tot een beperktere beschermingsomvang. Een deskundige contacteren is dan ook sterk aan te raden!
  • eventuele tekeningen waarnaar de beschrijving of de conclusies verwijzen;
    Dit is vereist wanneer ze nodig zijn om de uitvinding te begrijpen.
  • een uittreksel (abstract);
    Dit is bedoeld als technische informatie voor derden.
  • indien toepasselijk, een vermelding van de geografische oorsprong van het biologisch materiaal op basis waarvan de uitvinding ontwikkeld werd, indien deze bekend is;
  • de aanduiding van de uitvinder (of het verzoek van de uitvinder om niet in het octrooi te worden vermeld). 

De taal van de aanvraag

Om een indieningsdatum te bekomen, moeten de expliciete of impliciete aanduiding dat de onderdelen als een octrooiaanvraag bedoeld zijn en de gegevens waarmee de identiteit van de aanvrager kan worden vastgesteld en die de DIE in staat stellen om met de aanvrager in contact te treden, worden opgesteld in de nationale taal (Nederlands, Frans, Duits) voorgeschreven in overeenstemming met de wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken.

Het gedeelte dat op het eerste zicht een beschrijving lijkt te zijn, mag daarentegen in om het even welke taal worden ingediend, op voorwaarde dat een vertaling van dat gedeelte in de nationale taal, voorgeschreven in overeenstemming met de wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, aan de DIE wordt bezorgd binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de datum waarop de Dienst dit gedeelte heeft ontvangen.

Andere bepalingen betreffende het gebruik van de talen bij de DIE

De proceduretaal, alsook de taal die moet gebruikt worden in de correspondentie met de DIE, zijn de talen die de octrooihouder of de octrooiaanvrager moet gebruiken bij toepassing van de gecoördineerde wetten  op het gebruik van de talen in bestuurszaken. Dit geldt ook in het geval waarin een octrooigemachtigde optreedt in naam en voor rekening van de octrooiaanvrager. Het octrooidossier en de desbetreffende correspondentie worden opgesteld met inachtneming van de taal van de door de gemachtigde vertegenwoordigde persoon.

De regularisatie

Indien niet is voldaan aan de voorwaarden met betrekking tot de toekenning van een datum van indiening, stelt de DIE de aanvrager op de hoogte van deze onregelmatigheid. Hij beschikt dan over een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de datum van deze kennisgeving om deze onregelmatigheid te regulariseren. De datum van indiening is dan de datum waarop aan alle voornoemde voorwaarden is voldaan. Indien de aanvraag niet binnen de door de DIE gestelde termijn wordt geregulariseerd, wordt ze geacht niet te zijn ingediend. In dat geval geeft de DIE de aanvrager daarvan, met opgaaf van redenen, kennis.

Indien een vereiste voor de voortzetting van de procedure niet wordt nageleefd (bijvoorbeeld wanneer het dossier van de octrooiaanvraag niet volledig is of de indieningstaks niet werd betaald), stelt de DIEt de aanvrager op de hoogte van deze onregelmatigheid. Hij beschikt dan over een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de datum van deze kennisgeving om deze onregelmatigheid te regulariseren. Er dient ook een regularisatietaks van 12 euro betaald te worden binnen dezelfde termijn. Wordt aan één van beide voorwaarden niet voldaan, dan wordt de niet-geregulariseerde aanvraag geacht te zijn ingetrokken.

De aanvrager kan zelf ook het initiatief nemen om zijn aanvraag te regulariseren zonder dat de DIE hem hierom verzoekt en dit zo lang als het octrooi niet werd verleend.

Het herstel

Wanneer een aanvrager of een houder van een octrooi een termijn voor een handeling in een procedure voor de DIE niet in acht heeft genomen, kan hij gebruik maken van een procedure voor het herstel van rechten. Het herstel is in principe van toepassing op alle door de wet beoogde termijnen waarvan de niet-naleving het verlies van rechten tot rechtstreeks gevolg heeft. Wanneer gevolg wordt gegeven aan het verzoek tot herstel, worden de juridische gevolgen van het verzuim de termijn in acht te nemen, geacht zich niet te hebben voorgedaan. Het octrooi wordt, met andere woorden, geacht nooit opgehouden te hebben zijn effect uit te oefenen.

Opgelet, in bepaalde situaties is herstel niet mogelijk. Vooreerst kan het herstel niet gevraagd worden voor de betaling van de jaartaksen die opeisbaar worden ten gevolge van een herstelprocedure. Bovendien kan de regularisatietermijn van een octrooiaanvraag ook geen voorwerp zijn van een verzoek tot herstel. Tot slot is herstel niet toegelaten voor de termijn van drie maanden te rekenen vanaf de kennisgeving door de DIE van een onregelmatigheid ten aanzien van de voorwaarden voor vertegenwoordiging voor de Dienst.

Betalen indieningstaks

Het bewijs van het betalen van de indieningstaks moet uiterlijk binnen 1 maand na de indiening van de octrooiaanvraag bij de DIE toekomen.

Nieuwheidsonderzoek

Binnen de 13 maanden na de datum van indiening (of de voorrangsdatum indien een recht van voorrang werd ingeroepen) moet de aanvrager de taksen voor het nieuwheidsonderzoek betalen. Dit onderzoek wordt uitgevoerd door het Europees Octrooibureau dat, naast een nieuwheidsverslag, ook een schriftelijke opinie aangaande de andere octrooieerbaarheidsvoorwaarden opmaakt.

Het nieuwheidsverslag en de schriftelijke opinie zijn niet bindend, noch bieden zij enige garantie betreffende de geldigheid van het octrooi. Zelfs wanneer blijkt dat de uitvinding niet nieuw is of er een andere voorwaarde inzake octrooieerbaarheid niet is vervuld, wordt een Belgisch octrooi nog steeds verleend. De rechter bij wie de geldigheid van het octrooi zou worden betwist, is echter niet gebonden door deze documenten. De definitieve geldigheid van het octrooi wordt dus pas echt beoordeeld bij een eventuele gerechtelijke procedure. Wel hebben het nieuwheidsverslag en de schriftelijke opinie een nuttige informatieve functie en geven zij de aanvrager de kans om zijn aanvraag aan te passen of in te trekken.

Dit is een belangrijk verschil tussen een Belgisch octrooi en een Europees octrooi. Voor een Europees octrooi kan het Europees Octrooibureau immers, na onderzoek van de naleving van de octrooieerbaarheidsvoorwaarden, weigeren om een octrooi te verlenen wanneer deze voorwaarden niet zijn vervuld.

Indien het Europees Octrooibureau oordeelt dat er geen grondig onderzoek kan worden verricht naar de stand van de techniek ten aanzien van de gehele uitvinding opgenomen in de octrooiaanvraag of een gedeelte ervan, verklaart het dat een dergelijk onderzoek onmogelijk is of stelt het in de mate van het mogelijke een gedeeltelijk verslag van nieuwheidsonderzoek en een schriftelijke opinie op. Deze verklaring zal het nieuwheidsverslag en de schriftelijke opinie vervangen in het octrooidossier dat aan de inzage ten behoeve van het publiek wordt onderworpen.

Indiening van een afgesplitste aanvraag

De octrooiaanvraag mag slechts op één enkele uitvinding betrekking hebben, of een groep van uitvindingen die zodanig onderling verbonden zijn dat zij op een enkele algemene uitvindingsgedachte berusten. Deze vereiste inzake eenheid van uitvinding geldt als een internationale norm in het octrooirecht.

In het raam van de verleningsprocedure van het Belgisch octrooi kan in het nieuwheidsverslag dat aan de aanvrager overhandigd wordt, vermeld worden dat de uitvinding die voorwerp is van de octrooiaanvraag niet voldoet aan de vereiste van eenheid van uitvinding. In dat geval wordt het nieuwheidsverslag opgesteld voor de delen van de aanvraag die betrekking hebben op de uitvinding of op de groep van uitvindingen die als eerste in de conclusies wordt genoemd. De aanvrager moet dan binnen een termijn van vier maanden te rekenen vanaf de datum van kennisgeving door de DIE, ofwel zijn aanvraag afsplitsen (in verschillende zogenaamde “afgesplitste” aanvragen) en de taks voor nieuwheidsonderzoek voor deze aanvragen betalen – ofwel zijn octrooiaanvraag beperken tot een enkele uitvinding of tot een enkele algemene uitvindingsgedachte. Wanneer de aanvrager zijn aanvraag niet beperkt en geen afgesplitste aanvraag of aanvragen indient, zal het verleende octrooi beperkt zijn tot de octrooiconclusies waarvoor het verslag van nieuwheidsonderzoek werd opgesteld. Er dient te worden opgemerkt dat de aanvrager zijn octrooiaanvraag op eigen initiatief kan afsplitsen tot de octrooiverlening zonder dat de DIE hem hierom vooraf heeft verzocht.

De afgesplitste aanvragen behouden de datum van indiening van de oorspronkelijke aanvraag en, al naargelang het geval, het voordeel van een eventueel recht van voorrang.

Eens ingediend wordt elke afgesplitste aanvraag behandeld als een onafhankelijke octrooiaanvraag.

Publicatie van de octrooiaanvraag

De DIE maakt de octrooiaanvragen (ingediend vanaf 22/09/2014) toegankelijk voor het publiek bij het verstrijken van een termijn van 18 maanden na de datum van indiening of, desgevallend, de datum van voorrang. De automatische publicatie van de octrooiaanvragen is een maatregel ter versterking van de rechtszekerheid en een manier voor de andere economische operatoren om te weten dat bescherming wordt gevraagd voor een uitvinding die in voorkomend geval de activiteitssector betreft waarin zij actief zijn. De octrooiaanvraag wordt echter niet voor het publiek toegankelijk gemaakt wanneer deze aanvraag werd ingetrokken of wordt geacht te zijn ingetrokken. Wanneer rekening houdend met de voortgang van de procedure het octrooi na 18 maanden klaar is voor publicatie, zal het verleend worden en de octrooiaanvraag waarop het gebaseerd is, zal worden ingevoegd in het dossier dat ter consultatie aan het publiek wordt voorgelegd.

Octrooiverlening en publicatie

In de loop van de procedure voor de DIE en zolang het octrooi niet is verleend, kan de aanvrager op eigen initiatief taalfouten en fouten van overschrijving verbeteren. De verbetering kan slechts worden toegestaan voor zover is aangetoond dat de octrooiaanvrager kennelijk geen andere dan de verbeterde tekst kan hebben bedoeld.

Eens alle formaliteiten zijn vervuld en onder voorbehoud van het betalen van de taksen, wordt zo vlug mogelijk na het verstrijken van een termijn van 18 maanden na de datum van indiening (of de voorrangsdatum indien een recht van voorrang werd ingeroepen) een ministerieel besluit tot verlening van het octrooi afgeleverd. De aanvrager kan ook vragen om het octrooi sneller te verlenen op voorwaarde dat de formaliteiten zijn vervuld. Dit kan bijvoorbeeld nuttig zijn wanneer er kort na de octrooiaanvraag een inbreuk wordt vastgesteld.

De verlening van een Belgisch octrooi vereist dus slechts het vervullen van de formaliteiten, met inbegrip van het betalen van de taksen, en garandeert op geen enkele wijze dat de octrooieerbaarheidsvoorwaarden zijn vervuld.

Het octrooi wordt vermeld in een officieel Register, raadpleegbaar onlineExterne link. Het volledige octrooi alsook het aanvraagdossier zijn eveneens vanaf verlening raadpleegbaar op de DIE. Het octrooi zelf kan ook onlineExterne link worden teruggevonden. Tevens verzorgt de DIE een beknopte publicatie van de kenmerkende bestanddelen van de verleende octrooien in de Verzameling der Uitvindingsoctrooien.

Het dossier van het verleende octrooi bevat alle informatie en alle stukken met betrekking tot de verleningsprocedure van het octrooi die nuttig zijn voor de informatie aan het publiek, met uitzondering van de stukken die worden uitgesloten van inzage ten behoeve van het publiek om de rechtmatige belangen van natuurlijke personen of rechtspersonen te beschermen.

Het octrooi treedt in werking vanaf de dag dat het toegankelijk is voor het publiek (in principe de dag dat het wordt verleend), ofwel tijdens de publicatie ervan door de DIE. Vóór de publicatie geniet de houder van de octrooiaanvraag niettemin al een voorlopige bescherming. De omvang van de voorlopige bescherming die de octrooiaanvraag verleent, wordtbepaald door de conclusies die het voorwerp waren van de publicatie van de octrooiaanvraag of, in voorkomend geval, door de meest recente conclusies ingediend bij de DIE die, naargelang het geval, ter beschikking worden gesteld van het publiek of zijn omvat in de kopie die werd overgelegd aan een derde die de uitvinding die het voorwerp van de octrooiaanvraag is, geëxploiteerd heeft.

Wetgeving

Contact Center

FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie
Contact Center

Vooruitgangstraat 50
1210 Brussel

Webpagina

Tel. (gratis nr.): 0800 120 33
Vanuit het buitenland: +32 800 120 33

Fax (gratis nr.): 0800 120 57
Vanuit het buitenland: +32 800 120 57

Stel je vraag via het online webformulier

Volg de FOD Economie

FacebookExterne linkTwitterExterne link

Dienst voor de Intellectuele Eigendom

FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie
Algemene Directie Economische Reglementering
Dienst voor de Intellectuele Eigendom

City Atrium C
Vooruitgangstraat 50
1210 Brussel

Tel.: +32 2 277 76 94 of +32 2 277 52 88
Fax: +32 2 277 52 62
E-mail: piie_dir@economie.fgov.be